“Erdogan heeft Turkije veranderd in een regionaal knooppunt voor terrorisme”, aldus Danny Danon

Israels UN ambassadeur Dany Danon. Foto: screenshot YouTube

De Israëlische ambassadeur bij de Verenigde Naties (VN) heeft maandag de invasie van Turkije in Koerdisch gebied in Noord-Syrië veroordeeld. Hij beschuldigd Ankara van “het bevorderen van antisemitisme en de etnische zuivering van Koerden”, aldus meldt de Times of Israel.

Danny Danon vertelde de tijdens de maandelijkse bijeenkomst van de Veiligheidsraad over het Midden-Oosten dat de Turkse president Recep Tayyip Erdogan “de regio destabiliseert door middel van geweld en het ondersteunen van terreurorganisaties”. Hij voegde hieraan toe dat de “schokkende invasie van Turkije in Syrië geen verrassing was.”

De eens warme betrekkingen tussen Israël en Turkije zijn sterk verslechterd sinds Erdogan aan de macht is gekomen. De Islamitische leider is een uitgesproken Israël-hater en hij heeft goede betrekkingen met Hamas-leiders, wiens organisatie op de lijst van erkende terreurorganisaties staat.

“Erdogan heeft Turkije veranderd in een veilige haven voor Hamas-terroristen en een financieel centrum om geld te laten vloeien om terroristische aanslagen te subsidiëren”, zei Danon. “Het Turkije van Erdogan vertoont geen morele of menselijke terughoudendheid jegens het Koerdische volk. Erdogan heeft van Turkije een regionaal knooppunt voor terreur gemaakt.”

Danon zei dat Erdogan zijn land over een “imperialistisch pad sleept, journalisten bedreigd en opsluit, religieuze minderheden vervolgt en antisemitisme promoot.”

De Israëlische gezant voegde eraan toe dat Erdogan niet alleen Koerden in Turkije vervolgde, maar ook troepen zond “om ook Koerden in Syrië af te slachten.”

“Israël waarschuwt tegen de etnische zuivering van de Koerden”, zei Danon. Hij roept de internationale gemeenschap op om actie te ondernemen en hulp te bieden aan het Koerdische volk.”

Vorige week riep een anonieme functionaris van de hoofdzakelijk Koerdische Syrian Democratic Forces (SDF), Israël op om actie te ondernemen tegen de Turkse inval in Noord-Syrië en verklaarde ook erop te vertrouwen dat het Joodse volk het lot van de Koerden in Noord-Syrië niet zou verwaarlozen.