Een paar dagen op bezoek in mijn geboorteland ? wat voel ik daarbij?


Dani Evers twijfelt er niet aan dat hij op het persoonlijk vlak van zijn verblijf aan Nederland zal genieten, maar hij maakt zich zorgen over de toekomst van de joodse gemeenschap.

Ter gelegenheid van de feestijke viering van een familiegebeuren stap
ik deze woensdag, voor het eerst in een jaar of zeven, op het vliegtuig
richting Schiphol. Wat voel ik? Wegmijmeren in de nostalgie? Een beetje
wel… ik zie met zeer veel genoegen en vreugde terug op mijn jeugd, en
verheug me veel dingen te zien; bekende mensen die ik lang niet op de
hoogte heb gebracht van mijn reilen en zeilen, en zij mij ook niet!
Bekende plaatsen die ik vaak bezocht, familie, vrienden, ook etenswaren
die de Israëli’s, hoewel ze het ver gebracht hebben, niet kennen (hoe
zeg je “kroket” in het Ivrit? Drop is een ander pijnlijk punt ? als je
je kinderen van jongs af aan leert het te eten, is ook het zakje dat je
aan hen geeft binnen uiterst korte tijd leeg ? er is hoop!), de
boekenkast en de CD-plank verrijken – ik zal me zonder twijfel
vermaken. Het ouderlijk huis ligt aan een mooi park, en ook
rondwandelen in een bekende en geliefde omgeving zal een niet te
versmaden ervaring zijn.

Iets echter stoort me echter nu al: naar wat ik hoor, zal ik mijn
identiteit moeten verstoppen. Lopen met een keppel op je hoofd is zeker
niet aan te raden, en zelfs gevaarlijk. De tsitsit (schouwdraden heet
dat in het Nederlands ? legt dat meer uit dat de originele term?) die
gewoonlijk als franjes mij omringen zal ik moeten verbergen. De sjoel
waar ik ga dawwenen zal wel geen, in sierlijke letters uitgevoerd,
uithangbord hebben met de naam van deze gemeente, alsmede geen vaak
verwisseld blad met de tijden van de diensten.
 
Van veraf zie je de zaken vaak erger dan van dichtbij, en ik vroeg een
vriend eens hoe hij het uithoudt in Nederland, met al dat hernieuwde
antisemitisme. Hij zei, schamper, dat lijn 1 CS-Osdorp nog nooit
opgeblazen is, met de slachtoffers in een radius van tientallen meters
verspreid… Ik was, helaas, even stil, en heb pas later een antwoord
kunnen formuleren. En dat antwoord is, dat ook zonder de huidige,
relatieve stilte op het gebied van de terreur (nee, de Arabieren haten
ons helaas nog net zo hard, maar het leger heeft de touwtjes blijkbaar
sterk in handen) ik niet meer zonder kan. Ik kan niet meer zonder een
rechte rug lopen. Ik kan niet meer terug naar de noodzaak je te
verstoppen onder een algemeen-uitziende pet, je verstoppen voor je
Joods zijn, je verstoppen achter een pokerface als je eigenlijk blij
wilt zijn wegens een behaalde Israëlische prestatie. Ik kan en wil me
niet meer meten met mensen die me eigenlijk van de kaart willen vegen.
De strijd tegen hen, ondanks de verschillen binnen de Israëlische
samenleving over de manier waarop dat moet gebeuren, is omgeven van het
gevoel dat het gelijk aan jouw kant staat, en dat dat niet ter
discussie staat. De beroemde cartoon van Behrendt waarop de Jood voor
de Volken-rechtbank (in Den Haag?) staat en zegt: “Ik beken de centrale
beschuldiging. Ik besta.” is al jaren niet meer associatief bij mij
opgekomen.

Ik ga voor een paar dagen naar Nederland en zal zeker genieten op het
persoonlijke vlak, maar wat heeft een Joodse Gemeenschap voor een
toekomst daar?

Dani Evers werd geboren in Amsterdam. Na zijn middelbare school ging
hij naar Israël, waar hij o.a. psychologie en computerwetenschappen
studeerde. Evers woont met zijn gezin op de Westbank, in de kleine
gemeenschap Yakir.