Nog even een keer poeriem. Voor Bizzy en ‘the Bug’

JS schrijft in haar column over de angst van het leven in Israël en over haar geitjes. Helaas blijkt het leven ook voor geitjes niet meer veilig te zijn.

Er was een tijd dat men naar poeriem uitkeek als naar een feestdag, vol
verwachting. Daarna kwam er een tijd dat de kans groot was dat er met
poeriem een aanslag zou worden gepleegd. En vandaag de dag hoop je dat
poeriem een dag zal zijn waarop er misschien even geen mensen worden
vermoord. Maar dat was ook dit jaar niet het geval. Elke dag wordt er
tenminste één aanslag gepleegd. Nergens voel je je meer veilig. Toch
gaat het leven hier door. Eigenlijk zouden mijn gedachten dan ook nu
bij de pesachschoonmaak moeten zijn, maar ik kan poeriem maar niet
vergeten.

Een tijdje geleden heb ik al enthousiast over ze geschreven, de kleine
geitjes. Ik kan me voorstellen dat je denkt, nee he, niet weer over de
geiten. Doordat ik mijn dorpje nauwelijks uit kom -ik durf geen bussen
te nemen en het liefst vermijd ik grote steden- vormen de geiten een
belangrijk onderdeel van mijn leven. De twee kleintjes noemden we Bizzy
en the Bug. Na twee moeilijke weken ging het steeds beter met ze. Ze
deden hun moeder na met het kauwen van gras totdat ze dat op een dag
ook echt zelf konden. Ze sprongen vrolijk op en over alles wat ze maar
tegen kwamen. Ze waren gewoon prachtig.

En toen kwam poeriem en poeriem viel dit jaar samen met het Islamitisch
slachtfeest. Bizzy en the Bug zijn´s nachts bij ons uit de achtertuin
gestolen. Vervolgens zijn ze, volgens de plaatselijke politie, geofferd
en opgegeten. Tegen beter weten in hebben we posters opgehangen met het
verzoek om inlichtingen. Deze posters zijn echter al na een paar dagen
weggehaald of overplakt met aanbiedingen voor pesach. Het leven gaat
dus door. Maar het is een soort leven waar ik na een jaar nog steeds
niet aan gewend ben.