Overal platgewalste schildpadden en vogels

Ferry Biederman, correspondent van De Volkskrant in Israël, denkt dat de vernietiging van de dierentuin van Rafah door het Israëlische leger, een wraakactie is.

Een paar veren van een struisvogel steken boven ht puin waaronder het
dier begraven ligt. Verderop lukt het massaal toegestroomde
reddingswerrkers, in een operatie zoals opgang komt na een aardbeving,
twee parkieten levend uit hun geplette kooi te bevrijden.
Overal liggen platgewalste schildpadden, opengereten vogels en dode schapen en geiten.

Welkom in de dierentuin van Rafah na het bezoek van het machtige Israëlische leger.
De toch al zielige verzameling beesten is weggevaagd. Het hele terrein
is is omgespit en overal lopen de sporen van rupsbanden. Het leger zegt
dat diens voertuigen wel door de dierentuin moesten rijden omdat de
gangbare route met explosieven was ondermijnd. De dieren zouden daarbij
moeten worden ontzien, zou de opdracht zijn geweest. Het leger
onderzoekt het incident.

Mohammed Jumma die met zijn familie op het terrein woont, zegt de
deigenaar te zijn van de bonte verzameling beesten. Hij heeft vijf jaar
geleden 300.000 dollar in het project gestoken. Sinds het begin van de
intifadah in september 2000 kwam er al haast niemand meer naar Rafah en
dus evenmin naar de dierentuin en nu is hij alles kwijtgeraakt.
“Waarom hebben ze dit gedaan? We zijn ver van de grens, er waren geen
tunnels en er stonden geen huizen”, vraagt Jumma zich af. Zelf zegt hij
te denken dat het de soldaten ging om een verzameling kostbare
papegaaien. “Ze hebben er veertig gestolen. Ze namen ze uit de kooien,
die vogels zijn immers tam, en stopten ze in een buldozer.” Hij zegt
dat iedere papegaai tweeduizend euro waard is. Het leger ontkent dat de
papegaaien zijn meegenomen.
De vernietiging van de dierentuin lijkt echter, duidelijker dan wat
zich verder heeft afgespeeld de afgelopen week in Rafah, op een
wraakoefening. De grondigheid waarmee de kooien zijn platgewalst, de
totale verwoesting van deze kleine oase in het miserabele Brazil-kamp
en de kennelijke willekeur waarmee het is gebeurd, geven het geheel het
aanzien van een strafexpeditie.

Israël heeft de dood van dertien soldaten in Gaza vorige week, hoog
opgenomen, blijkt ook uit het publieke debat. De sloop van huizen in
het Brazil-kamp en de Salaamwijk en de dood van een tiental
demonstranten is in menselijke termen ongetwijfeld erger. Toch is het
voor de
14-jarige Mohammed Katrous een droevige dag. Hij komt al een paar jaar vrijwel dagelijks naar dieren kijken.
Omdat hij een buurjongen is, hoefde hij nooit die ene shekel toegang te
betalen die officieel werd gevraagd. Met een groen visnetje aan een
stok rent Mohammed vrijdagochtend over het terrein. Hij heeft al zeven
vogels gevangen die waren ontsnapt. “Ik ken ze allemaal, dus weet ik
welke van de dierentuin zijn en gevangen moeten worden,” zegt hij. De
struisvogel is zijn favoriete dier. “Ik ben erg treurig dat het
allemaal verwoest is.”

In de kelder onder zijn huis heeft Jumma een tijdelijk onderkomen
ingericht voor de dieren die hij over heeft en die door de
buurtbewoners worden teruggebracht.
Een berggeit en een schaap zijn gewond aan hun poten, een kangaroe ligt
zielig in een hoek met beide poten bijeengebonden. In een andere ruimte
zitten drie aapjes in plastic kooien die bedoeld zijn om honden en
katten te vervoeren.
Een struisvogel, een kangaroe, wat wolven, vossen, apen, een enorme
python en een jaguar behoren volgens Jumma nog tot de vermisten. Zijn
zoontje Ziad komt gelukkig aanlopen met een prachtige blauw, geel en
groene pauw.
Ook de twee papegaaien die in huis had zijn veilig.

De Volkskrant, 22 mei 2004.