Sharon: ontruimingen gaan door, hoe dan ook


De Israëlische premier zal zich door niets laten tegenhouden bij de uitvoering van het ‘losmakingsplan’, zoals Midden-Oosten correspondent Alfred Muller de terugtrekking uit Gaza noemt in zijn analyse van de huidige stand van voor- en tegens in het Nederlands Dagblad van vandaag.

Het zit premier Sharon niet mee. In mei verwezen Likudleden bij
‘referendum’ zijn Losmakingsplan naar de prullenbak. Het kabinet keurde
het plan daarop in gewijzigde vorm goed, maar pas nadat Sharon de twee
ministers van de rechts-radicale Nationale Unie op straat had gezet. In
augustus wees het Centraal Comité van de Likud de terugtrekking ook al
van de hand.

Prominente rechtse figuren hebben gesuggereerd dat de soldaten bevelen
moeten weigeren als ze Joden uit de nederzettingen moeten verwijderen.
Afgelopen zondagavond trokken 40.000 demonstranten naar het Sionplein
in Jeruzalem om te laten horen dat ze het niet eens zijn met de
ontruiming. En maandag verraste Sharons belangrijkste rivaal binnen de
Likud, Benjamin Netanyahu, het land met zijn voorstel tot het houden
van een volksstemming over het Losmakingsplan.

Sharon is echter vastbesloten de ontruiming uit te voeren. Hij riep op
tot beëindiging van het bedreigen van het leger en politie en hij zei
dat er geen tijd meer is om een referendum uit te voeren. Dinsdag
keurde het veiligheidskabinet de compensatie goed voor de Israëli’s die
hun huizen moeten verlaten. De voorgestelde terugtrekking moet eind
volgend jaar zijn afgerond.

Sharons plan verschilt in belangrijke opzichten van het
Oslo-vredesproces, dat in 1993 werd gelanceerd. In de eerste plaats is
het een unilateraal plan. Dat wil zeggen: het gaat om een eenzijdige
stap van Israël. De Palestijnen hoeven er niets tegenover te stellen.
Israël hoeft dus niet te wachten op het moment dat de Palestijnen
terreur beginnen te bestrijden. In de tweede plaats wordt het plan
volgens opiniepeilingen gesteund door een ruime meerderheid van de
Israëlische bevolking. Alleen de rechterflank van de Likud en de
partijen rechts van de Likud zijn tegen de verlating van de uiterst
problematische kuststrook. Bij de Akkoorden van Oslo nam de
Arbeiderspartij het initiatief, maar de aanhangers van de rechterhelft
van het politieke spectrum voelden er niets voor. Beide factoren maken
de uitvoering van Sharons Losmakingsplan gemakkelijker dan uitvoering
van de Oslo-Akkoorden.

Door de verhuizing van 7500 Israëli’s in de Gazastrook zullen de circa
1,3 miljoen Palestijnen in de Gazastrook aanzienlijk meer ruimte
krijgen. Het is nog onduidelijk of de Palestijnse Autoriteit of
internationale organisaties het bestuur overnemen van de gebieden die
Israël verlaat. Het is ook de bedoeling dat de militaire posten worden
afgebroken die zijn opgericht om de Joden in deze gebieden te
beschermen. Israël wil voorlopig alleen de corridor vasthouden tussen
Egypte en de Gazastrook om de aanvoer van wapens uit Egypte tegen te
gaan.

Tegenstanders van het plan brengen verschillende argumenten naar voren.
Volgens een in april gehouden opiniepeiling geloven tegenstanders
binnen de Likud dat de veiligheid van Israël na terugtrekking niet zal
verbeteren. Verder geloven ze dat met de terugtrekking terreur beloond
wordt. Met andere woorden: Israël geeft de Palestijnen het gevoel dat
het zich laat wegjagen uit de Gazastrook. De conclusie die Palestijnen
daaruit zullen trekken, is dat de Israëli’s alleen de taal van bommen
en Qassam-raketten verstaan en dat het aantal aanslagen onder de
Israëlische burgers dus dient te worden opgevoerd.

De tegenstanders gebruiken ook religieuze argumenten. In juli vertelden
Israëlische rabbijnen Amerikaanse Congresleden dat de joodse wet
verbiedt dat er ook maar een centimeter van het ‘heilige land’ wordt
‘weggegeven’. Benny Elon, leider van de Nationale Unie die door Sharon
ontslagen werd als ministe