Gisteren schreef hij zijn laatste gedicht…


Opnieuw heeft Israël afscheid moeten nemen van een van de groten van het Israëlische lied. Op 12 april overleed Ehud Manor, 64 jaar oud, aan een hartaaval. Trouwe lezer en Manor-fan Boaz schreef voor joods.nl een sfeervolle necrologie.


Vorige week kondigde de Bar Ilan Universiteit aan een eredoctoraat te
willen verlenen aan Ehud Manor omdat, zoals de President van de
Universiteit het uitdrukte: “Niets is vanzelfsprekender dan een
eretitel toe te kennen aan Ehud Manor voor zijn creativiteit, zijn
persoonlijkheid en zijn werken. Hij geeft uitdrukking aan alles wat
mooi is aan dit land!” Manor heeft het niet meer kunnen aanvaarden,
dinsdag 12 april 2005 stierf hij vroeg in de ochtend, vierenzestig jaar
oud, aan een hartaanval. Opnieuw moeten we afscheid nemen van een van
de groten van het Israëlische lied.

Ehud werd in 1941 geboren in Binjamina, een landbouwnederzetting met
veel citrusplantages, zo’n 40 km. ten zuiden van Haifa. Zijn ouders
waren Russische oliem (immigranten). Als jongetje luisterde hij graag
naar de muziek van George Gershwin en Cole Porter, muziek die hij later
zou beschrijven als  “de Amerikaanse poging om persoonlijke
gevoelens uit te drukken”. Zijn vader, Israël Wiener, werkte in de
landbouw en zijn moeder was secretaris van de Organisatie van Werkende
Vrouwen.

In eerste instantie ging Ehud in Benjamina naar school, maar toen hij
14 was zei zijn vader, dat er in de landbouw geen droog brood te
verdienen was en hij stuurde hem naar een goede school in Haifa om
verder te leren. Zijn vader stierf een jaar later.

Tijdens zijn studieperiode kwam hij alleen de weekends thuis,
doordeweeks was hij een soort Tagesser (kostganger) bij een
pleegfamilie. In Haifa studeerde hij Hebreeuwse Taal- en Letterkunde.
Daarna vertrok hij naar New York, waar hij communicatiewetenschappen
studeerde.  Weer terug in Israël keerde hij terug naar Binjamina,
waar hij trouwde met de zangeres Ofra Fuchs, met wie hij drie kinderen
kreeg, Gili, Libi en Yehuda.  

Eind jaren ?60 begon zijn carriere als tekstdichter. Een van de eerste
gedichten die letterlijk het hele land aanspraken was het prachtige
gedicht, dat hij schreef nadat zijn jongere broer in 1968 bij het
Suezkanaal was gesneuveld en dat door Nurit Hirsch van een heel
gevoelige melodie werd voorzien: Achi hatsa?ir Yehuda – Mijn jongere
broer Jehoeda. Toen hem bij een recent interview voor de Jerusalem Post
werd gevraagd wat hij zelf zijn mooiste lied vond, antwoordde hij:
“Achi hatsa?ir Yehuda, het is weliswaar ook het droevigste, maar ook
het mooiste”.

Dat lied was destijds ook de aanleiding voor de Israëlische dichter
Hilit Yeshurun om de producer van de Israëlische versie van”Hair” aan
te raden om Manor te vragen om de Amerikaanse musical uit 1968 in het
Hebreeuws te vertalen. Het was zijn eerste vertaling, maar met die
vertaling maakte hij in 1970 zijn entree in de wereld van de musical.
Zijn vertaling werd ook bij de heropvoering in 1991 weer gebruikt.
Daarna volgden de opdrachten elkaar op, zodat hij in 1975 meende dat
het tijd werd, dat hij zich in theaterwetenschappen ging verdiepen. Hij
haalde zijn BA daarin aan de Universiteit van Tel Aviv en vertrok
daarna naar de Universiteit van Cambridge, waar hij zijn MA Engelse
Literatuur behaalde. Hij sprak en schreef dan ook een prachtig Engels,
maar dat niet alleen, hij sprak ook vloeiend Frans en Jiddisj. Opnieuw
in Israël vertaalde hij o.a. de musicals “Cat on a hot tin roof” (Kat
op een heet zinken dak), “Chicago” en “Mirandolina”. Ehud beperkte zich
niet tot het vertalen van musicals, want hij vertaalde ook de grote
klassieke toneelstukken van Shakespeare in het Hebreeuws en het werk
van modernere schrijvers als Tennessee Williams en Harold Pinter. In
totaal bracht hij een kleine 600 vertalingen op zijn naam.

Naast het dichten en het vertalen werk

Advertentie (4)