![]()
Het Israëlische Hooggerechtshof verbood in augustus 2003 het geforceerd vetmesten van ganzen niet toestonden. Het Hof gaf de ganzenmesters anderhalf jaar de tijd om orde op zaken te stellen. Sinds vorige maand is definitief een eind gekomen aan Israëls positie als vierde grootste producent van de wereld van foie gras.
de produktie van foie gras worden ganzen 2 tot 3 weken lang met
trechters gevoerd. De dieren krijgen enkele malen per dag tot een kilo
maisbrij door de strot geduwd. Het gevolg is een ‘zieke’ lever die 5
tot 10 x zo groot is. De grote lever drukt ook andere organen weg zoals
de longen waardoor kortademigheid ontstaat. Het sterftecijfer kan
oplopen tot 15 procent. De dwangvoedering veroorzaakt veel pijn, infecties en
verwondingen bij de dieren. Het Wetenschappelijk Comitee van de
Europese Commissie stelt dat het welzijn van de dieren bij de productie
van foie gras ernstig wordt aangetast. Omdat een lever pas ‘foie gras’
mag heten boven een bepaald gewicht en dit gewicht niet zonder de
dieronvriendelijke dwangvoedering bereikt kan worden, bestaat er geen
diervriendelijke foie gras. [bron: wakkerdier.nl, 19 augustus 2003].
Het vetmesten van ganzen kent een lange
traditie in de joodse diaspora, omdat volgens de dieetwetten voor de bereiding
van vlees geen boter of rundervet mocht worden gebruikt. Ganzenvet was een
prima substituut.
De Israëlische rabbijn Josef Elyashiv
oordeelde eerder dit jaar dat de halacha (het joodse religieuze recht)
dierenleed toestaat als dit de mens ten voordeel strekt. Maar hij kreeg weinig
bijval. Al in de elfde eeuw trouwens zag de beroemde rabbijn Shlomo Jitschaki
(‘Rashi’) het geforceerd vetmesten van ganzen met lede ogen aan. “De joden
zullen zich wegens dit dierenleed voor God moeten verantwoorden”,
waarschuwde hij, helaas vergeefs.
Israëlische en buitenlandse dierenbeschermers
hebben jarenlang zonder succes actie gevoerd tegen de ganzenmesters die, gesteund
door een sterke politieke lobby, beweerden dat er van dierenleed geen sprake
was. Een sprookje van Moeder de Gans natuurlijk, want hoe is dat mogelijk als
je een meelpapmengsel krijgt ingepompt via een harde, veertig centimeter lange
buis in de slokdarm?
Eindelijk, in augustus 2003, bepaalde het
Israëlische Hooggerechtshof dat het uit moest zijn met het geforceerd voederen
van ganzen en eenden. De mesterijen kregen negentien maanden de tijd om orde op
zaken te stellen. Pogingen van de lobby om verder uitstel te bewerkstelligen
stuitten in april van dit jaar op een onverzettelijk neen van het Hof. De
ganzen zijn dank verschuldigd aan een meerderheid van twee van drie
opperrechters. De derde bestreed niet dat het geforceerd voeren van ganzen
wreed is, maar wel dat het ‘martelen’ zou zijn.
zich bovendien af waarom er moest worden opgetreden tegen het ganzen mesten
zolang er nog kistkalveren zijn. “Het is niet rechtvaardig een eind te
maken aan het lijden van de ganzen ten koste van het lijden van de
fokkers”, was zijn conclusie, waarmee hij doelde op de pijn in de
portemonnee van de ganzenboeren.
gras producenten in Israël. 500 mensen werkten in deze industrie en zorgden
voor een jaarlijkse omzet van zo’n 70 miljoen shekkel.












