
Weinig mensen weten het, maar de allereerste wijn die in het Middenoosten werd geproduceerd werd niet van druiven gemaakt maar van watermeloenen.
Watermeloenen voelen zich tot op de dag van vandaag goed thuis in een
heet klimaat, zolang er maar ergens schaduw te vinden is voor de
slingerende ranken met hun grote bladeren. Het is dan ook niet zo
verwonderlijk dat de mensen manieren zochten (en vonden) om de
watermeloenen te verwerken, dus waarom niet ook het sap laten gisten
tot iets dat op wijn leek?
Watermeloenwijnen van goede oogstjaren waren zo kostbaar dat ze in
speciaal ervoor gemaakte aardewerken vaten werden bewaard, die vanwege
de temperatuursbeheersing op houten rekken werden opgeslagen. Het is
bekend dat in de tijd van farao Toet-Ankh-Amon de vaten zorgvuldig van
een jaartal werden voorzien. Ook het veld van herkomst werd genoteerd:
sommige van de watermeloenvelden leverden wijnen van superieure
kwaliteit.
De watermeloenwijnen waren echter niet voorbehouden aan het hof en de
adel: ook de boeren dronken ze, slaven kregen twee liter per dag, en
langs de wegen stonden stalletjes waar dorstige reizigers
watermeloenwijn konden drinken, en daarbij keus hadden uit hun
favoriete jaar en oogstplaats. Natuurlijk gingen de wijnen van
topkwaliteit naar het hof van de farao. Bij opgravingen zijn vele van
zulke wijnvaten in de koningsgraven aangetroffen; uit de ingedroogde
restanten kon worden afgeleid dat ze inderdaad voor watermeloenwijn
waren gebruikt.
Toen de Egyptenaren en later ook de Israëlieten
ontdekten dat van druiven veel betere wijnen gemaakt konden worden
bleef watermeloenwijn nog lang een geliefde drank. Toch verdrong wijn
van druiven geleidelijk de watermeloenwijn, en werden de grote rode
vruchten voornamelijk nog gegeten omdat ze gewoon erg lekker en
verfrissend zijn.
Zelfs de ‘verpakking’ wordt niet weggegooid. Met kruiden
en specerijen ingelegde schil van watermeloen werd een geliefde snack,
en is dat tot op de dag van vandaag in het hele Middenoosten.
Ook in
Nederland is het seizoen voor watermeloenen aangebroken ik zag de enorme
vruchten, doormidden gesneden voor grotere hanteerbaarheid, vandaag nog
liggen bij de Turkse supermarkt in de buurt van de redactie.
Hier is een
recept voor Ingelegde watermeloenschil, maar eerst een paar tips.
Haal het vruchtvlees uit de
schil, verwijder eventuele pitjes (er zijn tegenwoordig ook pitloze
watermeloenen!). Snijd het vruchtvlees in blokjes en laat die in de
koelkast ijskoud worden. Of vries een paar meloenblokjes in en leg eens
zo’n diep rozerood bevroren ‘ijsblokje’ in een glas niet te zoete
grenadine ‘met prik’ (mineraalwater met bubbels). Hang een dun schijfje
limoen aan de rand en laat een blaadje mint op de limonade drijven.
Ingrediënten:
schil van 1 watermeloen
1,5 kg suiker
5 dl witte
inmaakazijn
1 el geconfijt citroenraspsel (in potjes te koop bij
bakproducten in supermarkt)
1 kaneelstokje
3
kruidnagelen
Bereidingswijze:
Snijd met de dunschiller de harde groene
buitenkant van de schil weg, en schraap restjes vruchtvlees uit de
schil. Snijd de schone schil in blokjes van 2×2 cm. Doe de blokjes schil
in een grote pan, voeg zoveel water toe dat ze onder staan. Breng aan
de kook en laat zachtjes koken tot de schil met de punt van een scherp
mesje gemakkelijk kan worden ingeprikt. Giet de schilblokjes af door
een zeef, doe ze terug in de pan. Doe de suiker, azijn, citroenrasp en
specerijen aan de kook (geen aluminium pan gebruiken, die kan niet
tegen azijn!) Schenk de hete azijn over de s












