Sidra Wajikra, Wajikra(Leviticus) 1:1-5:26

Michael Wegier: "Vijf maanden geleden ongeveer zijn wij begonnen met het lezen van de jaarlijkse Toracyclus. De scheppingsverhalen reiken ons een fundamenteel begrippenkader aan, met behulp waarvan wij kunnen begrijpen hoe wij mensen de zin van ons leven proberen te ontdekken."

SIDRA WAJIKRA                                                                           

door Michael Wegier

De persoonlijke levensgeschiedenissen van onze voorvaders en voormoeders fungeren als een paradigma voor het menselijk bestaan. Door hun beproevingen en overwinningen te bestuderen kunnen wij onze eigen verhalen construeren. Het zou nooit saai moeten zijn om in deze periode van het jaar naar sjoel te gaan! De onderlegde lezer kan elke Sjabbat de ochtenddienst benutten om deel te nemen aan de meest indrukwekkende intellectuele en geestelijke leerervaring die wij in de Joodse traditie hebben: de wekelijkse voorlezing van de sidra.

En dan komen we bij Wajikra. Zonder waarschuwing vooraf verlaat de Tora de verhalende structuur en verandert in een boek over rituelen, met lange en complexe beschrijvingen van de omstandigheden waaronder dieren geofferd moesten worden, persoonlijke offers en offers namens de hele gemeenschap. Het grootste gedeelte van Wajikra [Leviticus] gaat over de cultus in de Tempel, en over de wezenlijke en centrale rol van de Kohanim [priesters] bij deze "Gods-dienst".

Veel hedendaagse lezers voelen zich bij het lezen hiervan heen en weer geslingerd tussen verveling en weerzin. Verveling, vanwege de repeterende beschrijvingen van een hele reeks offers die Mosjè in opdracht van God moest uitleggen en weerzin, vanwege alle gedetailleerde richtlijnen voor het slachten van vogels en andere dieren, en voor het in stukken hakken ervan, zodanig dat vlees en bloed op de daartoe voorgeschreven manier zouden worden gebruikt. De gedachte dat de reuk van deze dieren, als zij verbrandt werden, een "prettige geur voor God" zou zijn, verdraagt zich niet bepaald met onze moderne opvattingen van spiritualiteit, in het bijzonder in de new age variant.

Het is allereerst een verrassing om te constateren dat in traditionele Joodse gemeenten kinderen eerst Wajikra bestudeerden alvorens zij in aanraking kwamen met de grote verhalen uit Berésjit [Genesis] en Sjemot [Exodus]. Dit gebruik kan herleid worden tot een fascinerend rabbijns commentaar op de sidra van deze week: "God zei, dat aangezien zowel offers als kinderen zich in een staat van (rituele) reinheid bevinden, dat wil zeggen dat zij zonder smet of zonden zijn, de zuiveren zich met het zuivere moeten bezighouden" (Wajikra Rabba 7:3).

Deze opzienbarende vergelijking werd ingegeven door zorg om de belangen van het kind, want Berésjit en Sjemot zijn geen kinderboeken. Zij bevatten duistere en verontrustende waarheden over geloof en menselijke existentie die kinderen niet kunnen bevatten. Door ze eenvoudiger te maken boeten de verhalen aan betekenis in; als zij worden uitgelegd, schrikken ze af. De tekst in Wajikra plaatst het kind in een ander paradigma ("behandelt kinderen anders dan volwassenen" – RR) ten aanzien van geloof en praktijk.

De in Washington gevestigde schrijver Leon Wieseltier geeft als commentaar op Wajikra dat "ee

Advertentie (4)