Op het artikel van Ithamar Perath ‘Een Israëlisch-Nederlands tegengeluid’, die joods.nl op 29 november j.l. publiceerde, zijn heel veel reacties binnengekomen. Nic Perquin reageert hier op.
Lieve forumlezers,na een brief te hebben gelezen van Ithamar Perath ‘Een Israëlisch-Nederlands tegengeluid’ zal ik eerlijk bekennen even stil te zijn geweest. Na de reacties op zijn brief werd ik nog stiller. Voor wie mijn bijdragen hier heeft gevolgd is het duidelijk dat ik persoonlijk niet geloof dat wat voor onderhandelingen tussen Israël en de Palestijnen er ook mogen zijn of nog komen dit toch niet de zo vurig gewenste vrede in het land Israël naderbij zal brengen. Het viel me op dat de schrijver een beroep deed op oude teksten om daarmee volgens een van zijn critici elk tegen-woord al bij voorbaat te willen smoren. Gezien schrijvers brief en gezien criticus geluid vind ik het unfair van laatstgenoemde de schrijver in de hoek te zetten met het argument dat oude teksten voor onze wereld niet relevant zouden zijn waar hij zelf aangeeft niet te geloven in oude teksten. Dat is als het om de kracht van argumenten te willen wegen het verhaal van appels en niet-geloofde-peren.Ik kan me in beide visies redelijk verplaatsen: en van de schrijver en van de criticus. Maar ik acht juist het verweer van de criticus omdat hij zegt (Joods)"ongelovig" te zijn van minder relevantie dan het bericht van schrijver-zelf omdat in de ogen van de wereldgemeenschap, met een schier eindeloze reeks van "geloven", elk comentaar van niet-gelovigen nou eenmaal minder indruk maakt op met name de Islamitische wereld, toch een belangrijke groep van mensen in het conflict. Als we alleen al kijken naar Osama Bin Laden, iemand die toch eerder praktisch dan diplomatiek bezig wil zijn, dus iemand die wat minder geschikt lijkt voor de conferentie suite, en zijn reactie op de aanwezigheid van Amerikaanse troepen op Heilige Saoudische grond dan hoop ik dat men mijn argument kan billijken dat als je Osama heet je niet met heidenen aan 1 tafel gaat zitten, dat is niet kosjer. De taxatie van criticus dat "het geloof" dus maar buiten het Midden-Oosten conflict moet worden gehouden omdat het anders onoplosbaar zou zijn is om deze reden niet realistisch. Mocht Osama het tijdelijke moeten verwisselen met het eeuwige dan weet ook een kind dat er duizenden Osama’s graag in zijn voetsporen willen verdergaan, met of zonder besef van de inhoud van de Koran. Elke vorm van religie negeren is derhalve m.i. hoogst onverstandig voor wie streeft naar blijvende vrede.Bij het lezen van Ithamar’s brief voelde ik a.h.w. weer de pijn waarmee elke Joodse man of vrouw m.i. geconfronteerd wordt ergens in zijn/haar bestaan: niet te worden geaccepteerd OMDAT je Joods bent. Met name de Christelijke volkeren, ruim een halve eeuw geleden Duitsland voorop, hebben definitief het sprankje vertrouwen tussen Joods en niet-Joods leven in een verschrikkelijke Holocaust weggebrand bij de partijen die nu elkaar bevechten in het MO. Maar als een non-religie-oplossing voor vrede niet zal blijken te werken wat is dan een alternatief? Dan is een gelovig HERlezen door Jood en niet-Jood misschien een basis voor vrede? Stel dat de rabbijnen in Israël nou eens onbevooroordeeld de aankondiging van Mozes wilde heroverwegen wie bedoeld wordt met het woordje "profeet" in zijn ernstige aankondiging: "Een profeet uit uw midden, uit uw broederen, zoals ik ben,zal de Here, uw God, u verwekken; naar hem zult gij luisteren". (Deut 18 vers 15) Stel nou eens dat over die aangekondigde profeet de Rabbijnse verklaringen over wie dat wel moet wezen tot nu toe VERKEERD is gedacht? Stel nu eens dat na tweeduizend jaar God iets nieuws wil doen op aarde waar Hij dat ook aankondigt bij Hosea 6 vers 1-3. En stel nu eens dat Jesaja 53 in de synagogen weer gezongen zou worden met een gelovig en gereinigd bewustzijn dat die profeet misschien wel die verguisde timmermanszoon is
Reactie op: Een Israëlisch-Nederlands tegengeluid
Advertentie (4)












