Weer een wonder

Judy Schagen over het hergebruik van objecten voor het maken van rituele voorwerpen.

Aan de hand van de twee hier beschreven chanoekiot zal ik kijken naar het hergebruik van objecten voor het maken van rituele voorwerpen. Over het algemeen wordt volgens de joodse wet het hergebruik van objecten toegestaan. En wel onder twee voorwaarden.Ten eerste moet het hergebruik als resultaat een opwaardering van het materiaal hebben. Zogenaamde heilige voorwerpen mogen alleen voor nog heiligere doeleinden gebruikt worden en nooit voor het vervaardigen van minder heilige voorwerpen. Het is dan ook ten zeerste verboden om delen van een ‘heilig’ voorwerp te gebruiken voor het vervaardigen van profane objecten.De tweede voorwaarde voor het hergebruik van objecten waar volgens de maatstaven van de rabbijnse autoriteiten aan voldoen moet worden, is dat de het op zo een manier gebruikt moet worden dat het vrijwel onmogelijk is het oude gebruik van het object in het nieuwe voorwerp te herkennen.Wat is van deze hier bovengenoemde regels terug te vinden bij de hierbij getoonde chanoekiot?De eerste chanoeka lamp is waarschijnlijk afkomstig uit India en gemaakt in de negentiende eeuw. Het is vervaardigt van een in Islamitische stijl gemaakte lamp. Om deze lamp geschikt te maken als chanoekia zijn aan de buitenste rand van de lamp bakjes voor olie aangebracht. Deze chanoekia voldoet aan alle eisen betreffende het hergebruik van voorwerpen. Het is een goed voorbeeld van het concept dat een voorwerp alleen in ‘heiligheid’ kan stijgen. Een profaan object is dus bij uitstek geschikt om er een voorwerp van te maken dat uitstluitend geschikt is voor ritueel gebruik.De tweede chanoekia is vervaardigt tussen 1809 en 1817 in Polen. Het is gemaakt van een tas. Dat is een toraschild gemaakt van metaal. Maar niet alleen is het volgens de Halacha niet geoorloofd om een object dat bij een tora hoort in zijn te verlagen in zijn mate van heiligheid door het voor een ander doel te gebruiken.(Dat geldt dus ook voor wanneer het voor een ander ritueel gebruikt zou worden). Ook is het oorspronkelijke gebruik van het object duidelijk zichtbaar bij deze chanoekia. Hoewel het midden van de medaillon van de tas vervangen is door de speciale zegening voor chanoeka, is aan de bovenkant van de medaillon nog steeds de oorspronkelijke inscriptie te zien die bij de tas hoort. Deze chanoekia wordt dan ook als niet-kosjer beschouwd.Ondanks het verbod op ‘het verlagen van heiligheid’ zijn er verschillende voorbeelden bekend van chanoekiot die gemaakt zijn van een tas.Het lijkt erop dat er wel veel regels zijn maar dat niet iedereen zich altijd daar even strikt aan heeft gehouden.De hier beschreven chanoekiot zijn beiden in het bezit van Mishkan LeOmanut, Musuem of Art in Ein Harod.

Advertentie (4)