Ijar 25 jaar, een kleine geschiedenis

Ijar bestaat 25 jaar. In die jaren is er veel gebeurd, en onderling veel getrouwd. Joods.nl verzamelde de interessantste verhalen en leuke foto’s.

Ijar werd in 1976 opgericht als de joodse studenten- en jongerenvereniging van Nederland. Het was het vervolg op de NZSO, de Nederlands Zionistische Studenten Organisatie, die in 1975 een zachte dood stierf. Die opvolger, genaamd naar de joodse maand ijar waarin zij opgericht werd, was een a-politieke club, een sociale vereniging met een warm hart voor Israël, maar niet zionistisch. Een studentenclub die joodse jongeren bij elkaar bracht, naar gezelligheid streefde en een beetje naar educatie.Het begon met de afdelingen, eigenlijk aparte verenigingen. Ijar Amsterdam was de grootste club met 150 leden in 1978. Maar ook Utrecht en Delft waren al actief. Ijar Nederland was een soort confederatie van afgevaardigden van de afdelingen. Die afgevaardigden kwamen af en toe bij elkaar, maar verder stelde Ijar Nederland weinig voor. De confederatie had geen vaste plek, alleen een kas.BeginperiodeErik Meijer (toen jongere, nu 42), penningmeester van Ijar Amsterdam en Ijar Nederland in het vierde bestuursjaar, haalt herinneringen op uit die beginperiode: ?In die tijd werd er niet over politieke zaken gesproken. We wilden activiteiten organiseren. Er waren films, sporttoernooien, seiders, lezingen, vrijdagavondmaaltijden, rallies en eens per jaar was er een feest. Over een aannamebeleid werd niet echt gesproken, er werden geen harde lijnen getrokken. In de praktijk zal het grootste gedeelte van de mensen die kwamen halachisch joods geweest zijn.?Gershon Dotch, kok van de mensa.In 1978 opende de kosjere mensa ? geëxploiteerd door vereniging Meschibath Nefesch – haar deuren in de Lairessestraat, op nummer 13. De mensa, die daarvoor in het studentenhuis aan de van Breestraat had gezeten, werd de vaste ontmoetingsplek van Ijar. Ijar Amterdam hield erboven kantoor. Het pand aan de van Breestraat, dat na het vertrek van de mensa geheel studentenhuis werd, was ook zeer bij Ijar betrokken. Net als de studentenhuizen in Leiden en Delft. Voorloper Jom Havoetbal Elma van Thijn, getrouwd met Erik Meijer en bestuurslid van het eerste uur: ?Er was toen niet zoveel. Nu is er keus, er is Ijar, MOOS!, Sjoeche… Toen was er alleen Ijar. Mensen waren vreselijk enthousiast als er iets georganiseerd werd. Dat had vaak een joods karakter, dat vonden wij toen belangrijk. En er waren veel sociale activiteiten.??Zo werd er in 1978 een voetbaltoernooi georganiseerd door het bestuur-Mock,? vertelt Erik Meijer. ?Dat toernooi vond plaats bij Schiphol en was een groot succes. Elma mocht als een van de weinige meisjes ook meevoetballen, maar zij kon ook echt voetballen. Arnold Heertje heeft toen de prijs uitgereikt. Dat toernooi is eigenlijk de voorloper van Jom Havoetbal, het grote jaarlijkse voetbalevenement van joods Nederland. De organisatoren van Jom Havoetbal denken dat zij er zelf mee begonnen zijn, maar het is dus allemaal begonnen bij Ijar.?”Nu zou je niemand meer zo gek krijgen”In die jaren werd er ook een fietstocht voor de afdelingen Leiden, Delft en Amsterdam georganiseerd. Elma vertelt: ?We hadden een punt in het midden gekozen en daar fietsten we vanuit de drie steden naar toe. Daar aangekomen hadden we een grote picknick. Nu zou je toch niemand meer zo gek krijgen om dat te doen? We waren toen wat meer betrokken, klitten meer samen.??Nu is het ‘ik voor mijzelf en God voor ons allen’,? valt Erik haar bij. ?Er is meer luxe, meer geld, meer materie. Toen was alles veel amateuristischer. De administratie ging met lijsten op papier, de kasboeken hield ik op mijn studentenkamer. Subsidies waren er wel in die tijd, maar stukken minder dan nu. Als het allemaal ooit weer wat minder gaat, komt die klittigheid van toen wel weer terug.?Elma: ?We keken met zijn allen naar de film Holocaust, omdat veel mensen die film thuis niet konden zien. Het was een andere tijd. Ijar Amsterdam had toe

Advertentie (4)