Welkom in het Midden-Oosten. Naarmate de strijd in Irak langer duurt, krijgen Israëliers steeds meer het gevoel te kijken naar een 21 jaar oude film waarin ze zelf een hoofdrol speelden.
Net als nu de westerse coalitie in Irak trok het Israëlische leger in 1982 Libanon binnen om de machtsverhoudingen in de regio drastisch te wijzigen, zonder dat bij het begin van de invasie duidelijk te zeggen. Het officiële doel van Vrede voor Galilea was Libanon te zuiveren van de Palestijnse milities, die een staat in de staat hadden gevormd en van tijd tot tijd de grens met Israël overstaken om terreuracties uit te voeren. ‘Nog sneller dan verwacht’ stonden de Israëliërs aan de poorten van Beiroet en stapten Jasser Arafat en zijn getrouwen op de boot naar Tunis.De toenmalige minister van Defensie, Ariel Sjaron, koesterde veel grootsere plannen, namelijk het vestigen van een pro-Israëlische regering in de Libanese hoofdstad. Maar de gebeurtenissen namen al snel een voor het Midden-Oosten natuurlijke en voor Israël ongunstige wending. De verkozen en door Israël gesteunde nieuwe president, Basjir Gemayel, werd vermoord, nog voor hij het ambt had kunnen aanvaarden. In het zuiden richtten de sjiieten, die aanvankelijk de Israëlische troepen hadden ingehaald als bevrijders, zich tegen de bezetters en stichtten de Hezbollah. De chaos was compleet. In de achttien jaren die volgden, moesten de Israëlische soldaten zich handhaven met wegversperringen en in gefortificeerde legerkampen tegen de radicale milities en zelfmoordcommando’s. Ze zaten vast in wat bekend werd als ‘het Libanese moeras’.Hoewel het officiële doel, het verjagen van Arafat en diens PLO, allang was bereikt, en het eigenlijke doel, een Israël goed gezind bewind aan de macht helpen, onhaalbaar was gebleken, ging het leger niet naar huis. Het gewapende verzet van de Libanezen had de regering in Jeruzalem een nieuw doel verschaft, namelijk de Arabieren te laten zien dat Israël ‘niet zwicht onder de druk van chaos en terreur’. Geen enkele Israëlische premier durfde het gezichtsverlies aan, totdat Ehoed Barak in 2000 de knoop doorhakte en het leger terugtrok. Een half jaar later begonnen de Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever en in de Gazastrook hun intifada, waarbij de strijd van de Hezbollah in Libanon voor velen het grote voorbeeld vormde.Saddam Hoessein is een bloeddorstige tiran, maar de laatste dertig jaar is hij er met grof geweld in geslaagd Irak als een eenheid te besturen. Vergeleken met de jaren daarvoor, toen er in Bagdad om de paar maanden een nieuwe machthebber zat, was het land onder zijn leiding een toonbeeld van stabiliteit. Onder de oppervlakte is Irak echter bijna net zo verdeeld als Libanon en het is de vraag of een nieuw, door de Amerikanen aangemoedigd bestuur, de sluimerende religieuze en etnische tegenstellingen in de hand kan houden.Net als de Israëlische regering in 1982 zegt Washington nu dat zijn troepen ‘geen dag langer dan nodig is’ zullen blijven. Maar hoe lang is dat? Wat gebeurt er als president George W. Bush er niet in slaagt zijn eigenlijke doel te bereiken, namelijk het vestigen van een pro-westers en tegelijk stabiel en militair krachtig bestuur in Irak? Laat hij dan het land aan zijn lot over?Of blijven de Amerikaanse en Britse militairen waar ze zijn, met als nieuw doel de wereld te laten zien dat ze ‘niet zwichten onder de druk van chaos en terreur’? Zal het thuisfront zich daar zonder meer bij neerleggen? En hoe zal de Arabische wereld reageren op wat de Iraakse regering nu al omschrijft als ‘het nieuwe kolonialisme’? De verontwaardiging is nu al groot.Optimisten schetsen een positief scenario waarin Irak zich op slag omvormt tot wat een ‘geleide democratie’ wordt genoemd, zoals Egypte of Jordanië. Maar in dat scenario begint iedere zin met het woordje ‘als’.Als de oorlog snel afloopt, als het succes voor de bevolking zichtbaar is, als er weinig slachtoffers onder de burgers vallen, als de Amerikane
Israël heeft dit al eens gezien
Advertentie (4)












