Joods monument in Arnhem onthuld voor hen die niet nooit meer terugkwamen

Screenshot YouTube

In Arnhem is afgelopen zondag, onder grote belangstelling van honderden mensen, een monument onthuld ter nagedachtenis van de 1.500 Arnhemse joden die door de nazi’s naar de gaskamers werden gedeporteerd en waarvan er slechts een enkelen terugkwamen.

Het monument is ontworpen door Betty Jacobs en staat op de Jonas Daniël Meijerplaats bij de Eusebiuskerk.

Het bijzondere monument bestaat uit een grote sokkel waarop een thora rol en een koffer. De thora rol bevat de tekst ‘Vergeet nimmer wat hen is aangedaan’. De koffer refereert aan de laatste reis van de weggevoerde Joden.

Ontwerpster van het monument, Betty Jacobs, werd ontroerd toen ze in een korte toespraak over haar grootouders vertelde die niet uit concentratiekamp Sobibor terug zijn gekomen.

Burgemeester Ahmed Marcouch, die voor de gelegenheid een keppeltje droeg, noemde in zijn toespraak het lot van de Joodse Arnhemmers ‘een lege bladzijde in ons verhaal over de Arnhemse oorlogsgeschiedenis’.

Hij voegde daar echter aan toe dat met de zogenoemde struikelstenen bij de huizen van de uit Arnhem weggevoerde Joden, al een goed begin is gemaakt met het invullen van deze bladzijde.

‘Nu gaan we verder’, zei burgemeester Marcouch over het monument. ‘De Joodse gemeenschap verdient een gezicht. We moeten de deur naar het Joodse verhaal wagenwijd open zetten en er een onuitwisbaar uitroepteken achter plaatsen.’

De burgemeester zei dat het hem raakte dat het monument werd onthuld op de plek die vroeger het kloppende hart was van het Joodse leven.

Over de betekenis van de onthulling zei hij: ‘Vandaag maken we een vuist tegen polarisatie, radicalisering en haat zaaien. We laten zien dat het anders kan. Wij staan hier als broeders en zusters, naast elkaar.’

Opperrabbijn Binyomin Jacobs benadrukte dat het monument er niet alleen is om iedereen te herinneren aan het kwaad van destijds. Hij ziet het ook als een ‘waarschuwing in keihard graniet’ tegen het antisemitisme dat telkens weer de kop op steekt.

Hij oogstte applaus toen hij voorstelde om op de achtste dag van het Chanoekafeest, 29 december, de kandelaar niet in de Arnhemse synagoge, maar bij het nieuwe monument aan te steken.