Rellen tijdens demonstratie voor huis minister van Openbare Veiligheid

Een van de gewonde demonstranten. Foto Twitter

Tijdens een demonstratie voor het huis van de minister van Openbare Veiligheid, Amir Ohana, zijn dinsdagavond rellen uitgebroken toen de demonstranten werden aangevallen door extreem rechtse tegendemonstranten, behorende tot La Familia, de gewelddadige supportersgroep van de voetbalclub Beitar uit Jeruzalem. Bij de rellen raakten verschillende mensen gewond en zijn diverse arrestaties verricht.

De demonstratie voor het huis van de minister in Tel Aviv vond plaats naar aanleiding van zijn uitspraken dat de politie harder zou moeten optreden tegen de demonstranten die bij huis van premier Netanyahu in Jeruzalem demonstreren.

Ook wilde hij de demonstraties verbieden en verplaatsen naar een park in ‘the middle of nowhere’.

Buiten het huis van de Likud-minister stonden demonstranten achter een barricade terwijl ze leuzen zongen tegen Ohana, de regering en de politie, terwijl ze op vuvuzela’s bliezen. Ze riepen: ‘Politie, wie bescherm je?’ ‘Jammer’, ‘Wie beschermt ons tegen de politie?’ en andere slogans tegen de politie.

De aanvallers sloegen demonstranten met glazen flessen en stoelen en bespoten ze met pepperspray. Organisatoren van het protest zeiden dat vijf mensen in het ziekenhuis waren opgenomen, waaronder twee met steekwonden in hun rug.

De Army Radio meldde dat de aanvallers lid waren van de voetbalclub voetbalclub La Familia Beitar Jerusalem. De groep wordt geassocieerd met extreemrechtse en racistische elementen en werd vorige week beschuldigd van een vergelijkbare aanval op demonstranten in Jeruzalem voor de residentie van premier Netanyahu.

De politie deelde later mee dat ze vier aanhoudingen hadden verricht maar gaf verder geen details.

Enkele honderden demonstranten liepen later naar de Ayalon ringweg rond Tel Aviv waardoor de politie enige tijd het verkeer moest omleiden op deze altijd drukke verkeersader.

Ook voor de residentie van premier Netanyahu in Jeruzalem werd gedemonstreerd, en lijkt er geen einde te komen aan de dagelijkse demonstraties aldaar, waarbij de demonstranten eisen dat hij aftreedt.

Oppositieleider Yair Lapid zei woensdag dat de “opruiing door premier Benjamin Netanyahu” had geleid tot de aanvallen op demonstranten door vermoedelijke leden van extreemrechtse groepen bij een protest in Tel Aviv, en dat de premier “bloed aan zijn handen” had.

“Het geweld en het bloed dat gisteren in Tel Aviv is vergoten, is in handen van Netanyahu en zijn boodschappers. Iemand die opruiing zaait, krijgt in ruil daarvoor bloed. Het oproepen van demonstranten die ziekteverspreiders zijn en opruiing tegen burgers die protesteren, leidt Israël richting een burgeroorlog ‘, zei Lapid.

Minister van Defensie Benny Gantz zei dat het geweld een voorbeeld was van verdeeldheid in de Israëlische samenleving en dat de daders moeten worden gearresteerd en voor de rechter moeten verschijnen.

“Vrije haat is uitgehold en blijft uithollen, het volk van Israël, wiens ware veerkracht in hun eenheid zit. De aanvallers van de demonstranten moeten worden gepakt en gestraft. Zolang we hier zijn, zal niemand de protesten in Israël het zwijgen opleggen ”, twitterde Gantz.

Voor komende donderdagavond en zaterdagavond zijn nieuwe grote demonstraties gepland.

Minister Ohana, wiens uitspraken aanleiding waren voor de demonstratie, zei “dat de politie geweld aan weerszijden van het politieke spectrum ‘hardhandig’ zou aanpakken”.

“Het maakt niet uit wie je bent voor of tegen: ik roep jullie allemaal op – rechts, links, voor / tegen de premier, tegen mij of voor mij – om de vlammen te doven”, twitterde Ohana. ‘De politie zal elke uiting van geweld hard aanpakken.”

Journalisten in Israël noemen het opvallend dat er tot nu toe geen enkele reactie is geweest van premier Netanyahu, waar hij in vorige gevallen snel was met het beschuldigen van ‘linkse elementen’ die er op uit waren rellen te veroorzaken.

Ontvang gratis onze nieuwsbrieven!