De betoverende kracht van Noa

Noa was in Nederland. Woensdagavond trad ze op voor een uitverkocht theater Carré. De redactie van joods.nl was erbij, en liet zich betoveren.

Noa en band
Het antwoord is een volmondig: ja! Vanaf de eerste tonen van de drie
man en een vrouw sterke begeleidingsgroep is duidelijk dat het met het
geluid wel goed zit. De op het achterdoek geprojecteerde teksten en
beelden zijn voor het publiek op de bovenste rijen van de galerijen
niet helemaal zichtbaar, dat is jammer, maar totaal onbelangrijk bij
wat een werkelijk fantastische show zou worden. Noa’s entrée op toneel
wordt naar verwachting met luide bijval begroet, maar zodra ze begint
te zingen wordt het muisstil: de betoverende klank van die stem (hij
doet me altijd een beetje aan Madonna denken, maar is zoveel
expressiever) bereikt de verste uithoeken van de zaal, zonder forceren,
haast spelenderwijs.

En dan te bedenken dat deze onwaarschijnlijke stembeheersing niet eens
voortkomt uit een klassieke zangopleiding! Wat daar op het podium
gebeurt is fascinerend, ontroerend, opwindend, maakt het af en toe
onmogelijk om stil te blijven zitten, en soms voelt zelfs ademhalen
haast als inbreuk, zo broos is de klank waarmee Noa haar publiek aan
zich weet te kluisteren.

Noa, haar krullende haar loshangend, tijdens het eerste gedeelte van de
show gekleed in een zwart catsuit met daarover een transparant lang hes
met glitters, aan haar voeten zwarte laarzen, is spaarzaam met haar
bewegingen, af en toe een draai, een arm die vloeiend golft.

Ze exploreert de verste uithoeken van haar stembereik, kwettert en
fluit als een vogel, gonst en gromt, maar meestal is de klank zoet,
mild, met een ongelooflijke intimiteit. Geen woord zingt ze (en ze is
zelfs op grote hoogte bijna altijd woordelijk te verstaan) zonder dat
het een lading heeft. De muziek bevat vaak haast onmerkbare
verwijzingen naar Midden-Oosterse ritmes en melodieën. Noa betrekt haar publiek op alle
mogelijke manieren bij haar optreden: al in het tweede nummer, ‘Hawk
and Sparrow’, vraagt ze de zaal mee te zingen, de woorden worden achter
haar op een scherm geprojecteerd, en soms geeft ze aan dat we mogen
meeklappen. Een en al positieve energie is het wat Noa uitstraalt, en
aan de overgave waarmee de zaal zich door haar laat meevoeren is te
merken dat niemand daar ongevoelig voor is.

Noa met
daarachter percussieman Zohar Fresco.

Halverwege het concert geeft Noa haar begeleiders Gil Dor op gitaar en
percussionist Zohar Fresco alle ruimte voor een muzikaal intermezzo.
Dor speelt prachtig, maar Fresco steelt dit deel van de show: aan een
simpele tamboerijn zonder koperen bellen weet hij met zijn vingertoppen
tikkend, kloppend, wrijvend over het trommelvel een waanzinnige
hoeveelheid klanken en kleuren tevoorschijn te brengen.Tijdens Noa’s
optreden zit Fresco rechts achter haar op toneel, temidden van een
groot arsenaal percussie-instrumenten die hij bespeelt als een magiër;
zijn wonderlijke, betoverende klanken mengen zich met die van de drums,
de keyboards en de basgitaar.

Noa zelf verdwijnt, bijna letterlijk, een
paar maal achter een stel grote en kleine bongo’s waarop ze zichzelf
virtuoos begeleidt. Vanaf die plek besluit ze het concert, met een
gezongen ‘thank you’ aan allen die meegewerkt hebben aan de
totstandkoming van de nieuwe cd. Uit een concert waarin Noa bijna twee
uur achter elkaar op het toneel staat is het moeilijk hoogtepunten te
kiezen. Ongetwijfeld een van de meest ontroerende songs is ‘Now’,
waarbij achter Noa filmbeelden te zien zijn van haar zoontje Ayehli. De
cover van het bekende Beatles-nummer ‘We can work it out’, gegoten in
een oriëntaals-aandoend ritme, komt over als een ijzersterk politiek
statement.

En natuurlijk komen er toegiften: Noa geeft de zaal de
gelegenheid titels te roepen