LJG: Sidra Wajigasj, Bereesjit (Genesis) 44:18-47:27


‘s Nachts richtte God zich in een visioen tot Israël. “Ja’akov! Ja’akov!” riep hij, en Ja’akov antwoordde: “Ik luister.” God zei: “Ik ben God, de God van je vader. Wees niet bang om verder te reizen naar Egypte, want ik zal daar een groot volk uit je doen voortkomen. Ikzelf zal met je meereizen naar Egypte, en ik zal je daar ook weer vandaan brengen. En niemand anders dan Joseef zal jou de ogen sluiten.”

Lessen
voor vandaag: Hoe moeten wij onze kenmerkende eigenschappen en separate
bestaan als volk behouden en tegelijkertijd op een zinvolle wijze
actief samenwerken met andere volkeren in de hoop dat we deze wereld
tot een betere plaats kunnen maken voor allen? 

HET COMMENTAAR VAN DE WEEK
 

Rabbi Ovadia Sforno (Italie, 15e-16e eeuw) schreef:  Wees
niet bang om verder te reizen naar Egypte, want ik zal daar een groot
volk uit je doen voortkomen. Als je hier blijft, zullen je kinderen
trouwen met kinderen van de Kena’anieten en zullen zij assimileren en
verdwijnen onder hen. Dat kan in Egypte niet gebeuren, want “de
Egyptenaren mogen niet samen met Hebreeen de maaltijd gebruiken”
(Bereesjit 43:32); daardoor zullen zij zich als volk onderscheiden van
de omgeving, zoals onze wijzen zeiden: “De pasoek (vers) wajehi sjam
legoj – ‘ze werden daar tot een volk’ (Dewarim 26:5) leert ons dat ze
zich daar onderscheidden” (Sifree).

Klik op het logo om verder te lezen op de website van de LJG.