
De Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam heeft op 2 augustus 2005 het hoger beroep van een aantal orthodox-Joodse organisaties en de gebroeders Staal afgewezen. Dat meldt de website van Joods Maatschappelijk Werk.
Op 17 januari verklaarde de rechtbank het verzet van de organisaties en
de gebroeders Staal tegen de fusie van JMW met Joodse
voogdij-instellingen al ongegrond.
Deze eerdere uitspraak is in Hoger Beroep nu bekrachtigd. In de
Uitspraak oordeelt de rechtbank dat de orthodox-Joodse organisaties
geen schuldeisers zijn van de fuserende instellingen en geen aanspraak
kunnen maken op een batig liquidatiesaldo bij vereffening. De Rechtbank
en de Ondernemingskamer maken daarmee de weg vrij voor de voorgenomen
fusie.
De voorgenomen fusie doet recht aan de doelstellingen uit de jaren 1980
om de Joodse voogdij-instellingen met de stichting
Samenwerkingsverband-JMW te integreren. Sinds die jaren werken de
verschillende instellingen al intensief samen. De voorgenomen fusie
leidt er toe dat de juridische situatie in overeenstemming wordt
gebracht met de feitelijke praktijk van de afgelopen decennia
Een aantal orthodox-Joodse organisaties en de gebroeders Philip en
Marcel Staal hadden verzet aangetekend tegen de fusie. De gebroeders
Staal stellen dat hun erfenis door hun voogdij-instellingen niet
volledig is uitbetaald. Zij beweren daarom een claim te hebben van Euro
1,6 miljoen op de Rudelsheim-stichting en Le-Ezrath, stichtingen die na
de voorgenomen fusie juridisch op zullen gaan in het
Samenwerkingsverband-JMW. De Ondernemingskamer heeft het verzet van de
gebroeders Staal ongegrond verklaard. Zij overweegt in haar beschikking
dat bij de meerderjarigheid van de oorlogswezen de rechtbank destijds
de eindafrekening van de voogdij-instelling heeft goedgekeurd. Op grond
daarvan kan in ieder geval geconcludeerd worden dat bij de
eindafrekening geen aanmerking op het beheer van de
voogdij-instellingen viel te maken en dat het niet aannemelijk is dat
de voogdij-instellingen nog bedragen verschuldigd zouden zijn, aldus de
Ondernemingskamer.
Klik HIER voor uitgebreide achtergrondinformatie over deze affaire.












