
Minister Donner van Justitite heeft het Openbaar Ministerie opdracht gegeven de verkoop en vertoning van ‘Zahra’s ogen’ te onderzoeken. De in Iran geproduceerde anti-joodse haatfilm wordt nog altijd in een aantal Nederlandse moskeewinkels verkocht.
‘Zahra’s ogen’ gaat over een Palestijns meisje van wie de ogen worden
getransplanteerd om een blind Israëlisch jongetje weer te laten zien.
Op de vlucht voor haar belagers wordt ze verraden door een Israëlische
taxichauffeur die daar veel geld voor opstrijkt. De minister noemt de
film ‘zeer onsmakelijk’. “Deze film draagt op geen enkele manier bij
aan de verdraagzaamheid jegens Joden”, aldus Donner.
Minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie) zal de verkoop of
vertoning van de film in moskeeen aan de orde stellen in het overleg
dat ze regelmatig heeft met het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO)
en de Contactgroep Islam (CGI) en aangeven dat antisemitisme in
moskeeen niet wordt getolereerd. “Ik ga ervan uit de organisaties hun
moskeeen ter verantwoording roepen als er toch jodenhaat wordt
gesignaleerd”, aldus de minister.
Het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI) stelde in juni dat
de film een opeenstapeling van antisemitische vooroordelen is. De
Nederlands Islamitische Federatie (NIF) wil de verkoop van de film pas
verbieden als de Nederlandse autoriteiten de film antisemitisch noemen.
NIF-voorzitter M. Yaramis is van mening dat van antisemitisme of
vijandigheid geen sprake is. “De film wordt inderdaad in moskeewinkels
verkocht maar we vertonen hem niet.” Milli Gorus, de Turkse
sociaal-religieuze moskee-organisatie, heeft de aangesloten moskeeen
verboden de film te verkopen.
Zie ook: Anti-joodse haatfilm nog steeds te koop












