NIK: Parsja 31 a&b: Behar – Bechoekotai


Wajikra 25: 20 ?21: ?Wanneer gij zegt: wat zullen wij in het zevende jaar eten, zie, wij mogen niet zaaien noch onze oogst binnenhalen ? dan zal Ik Mijn zegen in het zesde jaar over u gebieden, dat het u een opbrengst geve van drie jaar?.Diep en oppervlakkig G?dsvertrouwenDe zestiende eeuwse Italiaanse verklaarder Sforno schrijft dat G?ds wonderen afhankelijk zijn van het niveau van bitachon (vertrouwen in G?d) dat het joodse volk heeft. Als de joden veel G?dsvertrouwen hebben, bestond het ?oogst? ? wonder hierin dat de oogst van het zesde jaar voldoende was in kwalitatieve zin voor drie jaar (maar niet kwantitatief meer werd).Indien het G?dsvertrouwen gering was, kregen zij in het zesde jaar drie maal de normale hoeveelheid graan. Het eerste wonder was een verborgen wonder, het tweede geschiedde voor iedereen duidelijk zichtbaar.Als oplettende lezer vraagt u natuurlijk: ?Wordt minder G?dsvertrouwen dan beloond met een groter wonder (drie maal de normale hoeveelheid graan)??Een stukje theologische filosofieNormaal doet G?d liever geen duidelijke wonderen. Dit zou namelijk impliceren dat de Schepping, waarvan G?d zelf zei dat ?die zeer goed was?, incompleet zou zijn en van tijd tot tijd zou moeten worden herzien en aangepast. In feite is er geen verschil tussen natuur en wonder. Beide zijn uitingen van de G?ddelijke wil.Maar met onze ogen van vlees en bloed lijken wonderen een inbreuk op de natuurlijke orde. Dit zou een gebrek in G?ds Schepping betekenen. En dat is de reden dat wij niet voor wonderen bidden of genot ontlenen aan de producten van wonderen.Voor mensen met een zwak vertrouwen in G?d zou een verborgen wonder ? evenveel graan in het zesde jaar als normaal maar van zeer hoge kwaliteit ? te weinig zijn. Men zou bezorgd raken over de toekomst. Daarom moest iemand met een gering G?dsvertrouwen de oogst driemaal zien vermeerderen. Opvallend is dat G?d kennelijk tegemoet komt aan het gebrekkige vertrouwen van sommige van Zijn wereldburgers.Touch met de realiteitRabbi Chaim van Wolozhin vroeg eens aan de Gaon van Wilna (18e eeuw) wat de betekenis was van de Talmoedische uitspraak dat ?G?d tevreden is met Zijn deel?. G?d is toch compleet en heeft immers niets nodig? De Wilna Gaon legde uit dat het joodse volk G?ds deel wordt genoemd. Alhoewel Hij ons liever op een hoger niveau van religiositeit zou zien functioneren, is Hij niettemin tevreden met ons huidige niveau.Van de mens wordt verwacht dat hij G?ds wegen navolgt en uit het voorgaande kunnen wij een belangrijke gedachte meenemen. Vaak zijn onze vrienden, kinderen of collega?s niet op het niveau dat wij gaarne zouden zien. Wij moeten van onze Schepper leren dat ondanks onze hoop op groei en betere toekomst wij de realiteit van de huidige situatie moeten aanvaarden en met iedereen op zijn eigen niveau moeten leren omgaan. Hetzelfde geldt voor ons eigen ik: wij moeten ons reële niveau niet verwarren met onze aspiraties voor hogere niveaus van functioneren. Natuurlijk moeten wij altijd naar een hogere graad van perfectie streven maar tegelijkertijd mogen wij onze ?touch? met de realiteit niet verliezen.Ona?at dewariemWajikra 25:17: ?Gij zult elkander niet benadelen maar voor uw G?d vrezen, want ik ben uw G?d."Behalve dat men elkaar niet mag bedriegen door woekerwinst of oneerlijkheid, verbiedt de Tora ook ona?at dewarim, elkaar verbaal tekort doen.Mondelinge oneerlijkheidOna?at dewarim (verbaal tekort doen) kan vele vormen aannemen. Het kan betekenen dat men iemand uitnodigt voor een maaltijd terwijl men weet dat hij op die bewuste datum buiten de stad is of informeren naar de prijs van bepaalde handelswaren zonder de bedoeling ze ooit te kopen. Een andere vorm van ona?at dewariem is een ba?al tesjoewa (iemand die tot inkeer is gekomen) herinneren aan zijn vroegere zonden of iemand die ernstig lijdt, vermanen met de woorden ?dat hij gestraft wordt voor zijn zonden?.In de eerste twee gevallen is het bedrog duidelijk omdat wij met zo een onge