In de Nederlandse taal staat het vijfde, laatste en verheffende boek van Mosjè, dat begint met de sidra van deze week, bekend als Deuteronomium, het Griekse woord voor "tweede wet", een verkeerde vertaling van een van zijn oude Hebreeuwse namen, Misjnè Tora ofwel “herhaling van de Tora.”
SIDRA DEVARIEM door Ted Temko
In feite is geen van beide benamingen correct. De 120 jaar oude Mosjè begint immers zijn afscheidstoespraak voor het joodse volk, dat op het punt staat om de Jordaan over te steken en het land Israël binnen te trekken, niet met een poging om de Tora te herhalen, maar om deze "uiteen te zetten" of "te verklaren", afhankelijk van de vertaling. Het woord dat hier gebruikt wordt is beëer. Hierdoor legitimeert hij en legt hij de basis voor een religie, die niet bestaat uit zaken domweg uit het hoofd leren of reciteren, maar die zich kenmerkt door interpretatie, het stellen van vragen en discussie.
Zowel in detail als in interpretatie wijkt het Boek Devariem ("de woorden die Mosjè sprak") af van de vier voorgaande boeken van de Tora. Een belangrijk verschil is te zien in de versie die hier wordt gegeven van God die Mosjè belet om het Beloofde Land binnen te trekken. In sidra Choekat (in het boek Bemidbar) krijgen we te horen dat het komt omdat hij de Eeuwige ongehoorzaam was door in de woestijn op een rots te slaan, in plaats van deze toe te spreken, opdat deze water zou geven. Nu zegt Mosjè dat het de schuld is van de Israëlieten:hij moet zelf de rekening betalen omdat deze generatie van slaven het benauwd krijgt als zij voor het eerst de kans krijgt om echt naar Israël te gaan. Dit gebeurde nadat zij de autochtone bevolking heeft verkend en geconcludeerd dat het ging om "een volk dat groter is dan wij en dat boven ons uit torent, met grote versterkte steden die tot in de hemel reiken."
Nadat gedurende veertig jaar de twijfelaars gestorven waren en ook Mosjè op het punt stond om zijn laatste adem uit te blazen, wilde God dat "niet een van deze mannen, deze verdorven generatie," het Beloofde Land zou zien.
Na de zondvloed had God beloofd dat de mensheid niet meer volledig uitgewist zou worden. Maar hij is hier opnieuw van plan om een nieuwe start te maken, zij het op een andere manier. Degenen die het land zullen erven, zo wordt ons verteld in Mosjè’s afscheidsrede, zullen "jullie kinderen zijn, die vandaag de dag geen onderscheid kunnen maken tussen goed en kwaad.”
Ted Temko was 15 jaar lang redacteur van de London Jewish Chronicle,van 1990 tot mei 2005. Hij schrijft nog steeds columns voor de JC. Hij is nu Hoofd Buitenland Redactie voor de Observer.












