Soekot-Ramadan – oecumene onder de blote hemel

In het jaar 5767/2006 vallen het Loofhuttenfeest en de islamitische vastenmaand Ramadan gelijktijdig. Reden voor de commissie Dialoog van de Liberaal-Joodse Gemeente Amsterdam om een Soekot-Ramadanbijeenkomst te organiseren, compleet met gebeden, uitleg en natuurlijk veel en lekker eten.

De Soeka in het gebouw van de LJG aan de Jacob Soetendorpstraat was weer fraai als vanouds, en omdat het droog was kon de hele avoind het dak geopend blijven. De fraai gedekte tafels raken geleidelijk bezet door LJG-leden, zowle Amsterdammers als van daarbuiten, en vertegenwoordigers van de Turkse gemeenschap.

Het einde van de dag wordt ingeluid met het avondgebed door de imam en het nuttigen van dadels om het vasten te breken.

Rabbijn Menno ten Brink breekt de challebroden en verklaart de Soeka en de betekenis van Soekot, het landbouw- en regenfeest. De ‘arba’a miniem’ van de Loelav en hun bijzondere kenmerken krijgen speciale aandacht, en de rabbijn laat het geluid horen dat de plantenbundel voortbrengt als hij ‘gesjokkeld’ wordt: "Luister maar, het geluid van regen – wij bidden met Soekot om regen opdat de nieuwe oogst overvloedig mag zijn’. Aandachtig luisteren de aanwezigen naar de uitleg over de spirituele aspecten van Soekot – het besef van Gods beschermende aanwezigheid in alle aspecten van het leven en de symboliek van de Loelav – de verschillende mensentypes. Na de traditionele Marokkaanse harira – door de kookploeg onder leiding van Madelon Bino bereid, geeft Ömür Tas van de Turkse religieuze organisatie Islam en Dialoog, uitleg over het vasten tijdens de Ramadan.
Vijf aspecten, de één voortkomend uit de ander, noemt hij:
– Vasten is het doorbreken van de gewenning aan de constante zorg van God voor de mensen. Het is ook is een vorm van bidden omdat het gevoel van honger en dorst voortdurend herinnert aan de bijzondere toestand waarin een moslim zich bevindt tijdens Ramadan.
– Door te vasten beteugelt een moslim de ‘nefs’ – de drang om haast automatisch lichamelijke behoeften te willen bevredigen. Vasten traint de wil om de nefs onder controle te houden. Een mens die zich laat leiden door de nefs ziet God niet meer.
– Door te vasten wordt de mens dankbaar – wie zijn behoeftes niet onmiddellijk bevredigt krijgt waardering voor de overvloed die hem ten deel valt na het vasten en na de Ramadan.
– Door af te zien van de bevrediging van lichamelijke behoeften treedt een toestand van vergeestelijking in.
– Het breken van de vasten versterkt het sociale leven – onder het oog van God worden de banden aangehaald met familie, vrienden, buren en zelfs vreemden.
"Ramadan is een impuls om samen te zijn en saamhorigheid te tonen. Het is een periode van geestelijke vernieuwing", zo besluit Tas zijn verhaal.
Hoemmoes, falafel, bulgursalade, pitab

Advertentie (4)