Synagoge in stad Groningen laat alleen sjoel bezoekers toe op uitnodiging

Interieur Synagoge Groningen. Foto: Collectie Groningen

De synagoge in de stad Groningen die voor de Tweede Wereldoorlog nog 1.000 leden telde en nu, heden ten dage, nog slechts enige tientallen, laat alleen nog bezoekers tot synagoge diensten op uitnodiging toe, schrijft het blad Politico.

Dit alles heeft te maken met het groeiend antisemitisme, niet alleen in Nederland, maar in heel Europa.

De synagoge doet ook geen openbare aankondigingen meer over wanneer er synagoge diensten zijn of andere bijeenkomsten plaatsvinden.

Via een besloten WhatsApp groep houden leden elkaar op de hoogte. Niet-leden worden alleen na een verzoek daartoe diensten bijwonen.

En zelfs dan wordt je niet zomaar toegelaten, men moet een legitimatie laten zien en wordt gecheckt voordat je wordt toegelaten tot de synagoge.

Lokale politie houdt de synagoge in de gaten tijdens diensten en de gemeenschap heeft een noodplan klaarliggen in geval van een aanval op de synagoge.

“Ik maak me zorgen dat antisemitisme genormaliseerd wordt en overgaat in de mainstream”, vertelde Tom Burghard, 20, aan Politico. Hij zei dat hij een toenemend gevoel had opgemerkt dat de Holocaust een onderdeel van de geschiedenis werd, waardoor jongeren afstand namen van de realiteit van antisemitisme.

“Als het geen fysieke aanval is, nemen mensen het niet serieus,” zei hij. “Ze begrijpen niet hoe dit begint,” voegde hij er aan toe.

Recentelijk werd er een bijeenkomst gehouden ter nagedachtenis aan de deportatie en moord op de bewoners van een joods bejaardenhuis in de jaren veertig, toen er iemand binnenkwam en ruzie begon te maken, daarbij roepend “Joden zijn de schuld van alle maatschappelijke problemen”. een ​​lid van het publiek binnen en werd ruzie, en gaf Joden de schuld van de maatschappelijke problemen.

Terwijl het incident sommige leden van de gemeente op scherp zette, weigerden anderen toe te geven aan angst.

“Ze zeggen dat het na een bloedbad 200 jaar duurt voordat mensen niet meer bang zijn. Ik zal er over 200 jaar niet meer zijn, ‘zei Judith Klop tegen Politico. Ze woonde de dienst bij met haar twee jonge volwassen zonen.

“Ik besloot niet bang te zijn,” zei ze.