Simon Wiesenthal overleden


Wiesenthal, die 12 concentratiekampen overleefde en de rest van zijn leven wijdde aan het opsporen van oorlogsmisdadigers, het levendig houden van de herinnering aan de Holocaust en de bestrijding van antisemitisme en racisme, overleed op 96-jarige leeftijd in zijn woning in Wenen.


Wiesenthal wist elfhonderd nazi’s voor de rechter te brengen, waaronder
in 1961 nazibeul Adolf Eichmann. Tot zijn grote teleurstelling slaagde
hij er niet in Gestapobaas Heinrich Muller en Josef Mengele, de
kampdokter van Auschwitz, te pakken te krijgen.

Zijn levenswerk begon toen de Amerikanen in mei 1945 het
vernietigingskamp Mauthausen in Oostenrijk bevrijdden. Het was het
twaalfde kamp waarin Wiesenthal had gezeten en het vijfde
vernietigingskamp. Hij woog bij zijn bevrijding maar 45 kilo.
Wiesenthal besefte snel dat vrijheid zonder gerechtigheid niet mogelijk
is. “Ik heb me toen voorgenomen ervoor zorgen dat de wereldvoor altijd
zal weten dat de nazi’s niet ongestraft miljoenen mensen hebben kunnen
vermoorden. Daar wilde ik een paar jaar aan wijden, maar het werd mijn
levenswerk.”

Rabbijn Marvin Hier, directeur van het Simon Wiesenthal Centrum in Los
Angeles, noemt Wiesenthal ‘het geweten van de Holocaust’. “Na de Tweede
Wereldoorlog dreigde de Holocaust al snel in het vergeetboek te raken.
De geallieerden richtten hun aadacht op de Koude Oorlog, de
overlevenden begonnen hun verwoeste levens weer op te bouwen.
Wiesenthal werd de vertegenwoordiger van de slachtoffers en nam in zijn
eentje een taak op zich die niemand anders wilde, de jacht op de
grootste misdadigers tegen gerechtigheid uit de wereldgeschiedenis”,
aldus Hier.

Wiesenthal trok ook ten strijde tegen neonazisme en racisme en hamerde
erop dat de mensheid lering moest trekken uit de ervaring van de joden.
Het verleden mag nooit worden vergeten, stelde hij. Ook toen hij al in
de 90 was bleef Wiesenthal op het verleden wijzen en waarschuwen tegen
een herhaling daarvan. De gruwelen van de Serviers tegen de etnische
Albanezen in Kosovo vervulden hem met afgrijzen, maar hij zei dat
niemand hun tragedie mocht vergelijken met de moord op zes miljoen
joden.

“Wij leven in een tijd van de trivialisering van het woord holocaust,”
zei hij in mei 1999 in een vraaggesprek met het persbureau Associated
Press. “Wat met de joden is gebeurd kan met geen enkele misdaad worden
vergeleken. Iedere jood had een doodvonnis zonder datum.”

Zie ook: www.wiesenthal.com

Bronnen: o.a. www.tiscali.nl, news.bbc.co.uk