Parsja 6A & B: Toledot (Beresjiet/Genesis 25:19/28:9)

Esau bedriegt Jitschak. Wat is eigenlijk de achtergrond van de mitswa van het eren van vader en moeder? En waarom ging Esau de mist in?

Niettemin eerde Esau zijn vader om egoïstische redenen. Hij was bang dat hij het huis uitgezet zou worden door Jitschak net zoals Awraham Jisjmaeel gepasseerd had en Jitschak had aangesteld tot opvolger. Esau was zelfzuchtig in zijn eerbied voor vader en moeder omdat hij alleen zijn vader maar niet zijn moeder eerde en eigenlijk hoopte dat zijn vader zo snel mogelijk zou sterven. Esau handelde uiterlijk naar de mitswa van Kibboed Aw waEem maar vergat de achtergrond van dit vijfde gebod.Wat is eigenlijk de achtergrond van de mitswa van het eren van vader en moeder? En waarom ging Esau de mist in?Dankbaarheid?Wat vormt de achtergrond van het gebod van Kibboed Aw waEem? Heeft G’d dit alleen voorgeschreven aan de kinderen om hen hiermee te wijzen op de dankbaarheid die zij hun ouders verschuldigd zijn voor de moeite die zij zich getroosten om hen op de wereld te zetten en groot te brengen, te kleden en te voeden tot het moment waarop zij hun vleugels kunnen uitslaan?Dankbaarheid is inderdaad een eigenschap die binnen het jodendom hogelijk gewaardeerd wordt. Steun voor deze interpretatie van het gebod van Kibboed Aw waEem is te vinden binnen de joodse traditie. De Midrasj benadert Kibboed Aw waEem in deze zin en schetst het beeld van een kind, dat zijn vader beledigt. De Midrasj vervolgt met een terechtwijzing: ‘Besef je wel wie je beledigt? Je vernedert je vader! Hoeveel heeft hij niet aan je gewerkt, hoeveel moeite heeft hij niet in je geïnvesteerd?’Hoezeer deze uitleg ouders die nachtenlang opzitten om hun zieke kinderen te verzorgen moge aanspreken, niettemin vult deze uitleg slechts é:én aspect van het gebod van Kibboed Aw waEem in. Het kind zou kunnen tegenwerpen dat hijzelf nooit om het leven gevraagd heeft. Rabbenoe Bachja ibn Pakoeda (11e eeuw) werpt nog meer tegenargumenten op: ‘de mate van dankbaarheid, die wij onze weldoeners verschuldigd zijn, is rechtstreeks afhankelijk van de intentie om ons te helpen… als ons iets goeds overkomt zonder dat de weldoener ons beoogt te bevoordelen, zijn wij hem geen dank verschuldigd’. Rabbenoe Bachja vervolgt met de stelling dat de motieven van de ouders bij het voortbrengen van nageslacht egoistisch en egocentrisch zijn. Zelfs de bescherming en opvoeding die de ouders hun kinderen bieden ziet hij slechts als een uiting van een aangeboren ouderinstinct, waarbij dankbaarheid nu niet direct op zijn plaats is. Niemand heeft om het leven gevraagd en leven – als het eenmaal is geschonken – is een twijfelachtige gunst, aldus de Talmoed.RelatieversterkendMaar waarop is eerbied voor ouders dan wel gebaseerd? Werd dit gebod gegeven als stabilisator voor de relaties binnen het gezin? Dient het wellicht uiteindelijk om de stabiliteit van de maatschappij te bevorderen omdat wij ervan uitgaan, dat het gezin of de familie de bouwstenen vormen van een evenwichtige maatschappij? Deze visie op eerbied voor ouders sluit inderdaad aan op de uitleg van onze middeleeuwse commentatoren en lijkt zelfs direct aangeduid te worden in het vers: ‘Eer uw vader en uw moeder opdat U lang zult wonen in het land Israël…’Maimonides (1135-1204, Egypte) lijkt deze denktrant te volgen in zijn rubricering van de geboden. ‘Sommige geboden’ – zo stelt hij in zijn commentaar op de Misjna – ‘zijn gericht op het bestendigen van de band tussen mens en medemens, zoals de verboden tegen diefstal, bedrog, haat, wraak, het gebod de naaste lief te hebben en het eren van de ouders’.Uit zijn woorden klinkt het maatschappelijk belang van een hechte band tussen ouders en kinderen. In zijn ‘Gids voor de verdoolden’ zegt hij dit ook expliciet: ‘Hij die zijn vader of moeder slaat, ondermijnt de familiesamenhang, het fundament van de staat’.Staatsmacht staat en valt met onderwerping aan autoriteit en het eerste leren aanvaarden van autoriteit vindt plaa

Advertentie (4)