‘De watermeter’ – Nieuwe column van Simon Soesan

Simon Soesan

(een Duitse opera in 5 aktes)

Eerste akte: Kaput? Kaput!

Mijn huisbaas wilde weten waarom ik geen water meer verbruikte. Ze maakte een afspraak om de meters te controleren. Met een loodgieter, hoewel dat hier Herr Dipl. Ing. heet: gediplomeerde ingenieur. Ingenieus! Samen kwamen ze punktlich op tijd en keken naar de watermeter. Mijn huisbaas keek naar de Herr Dipl. Ing. En vroeg: “Kaput?”, waarop de man ernstig knikte en dramatisch “Kaput” zei. Mevrouw de huisbaas beloofde terug te komen.

Tweede akte: Koffie! Lekker bakkie!

Een week later mocht ik ze weer opwachten, deze keer kwam ze met drie man. Ze moesten zien wat en hoe er vervangen moest worden. De vier propten zich in mijn studio-appartementje en bekeken de watermeter heel serieus. Na een kort debat deelde ze mij mee dat ze volgende week terug zouden komen. Om in de kelder van het gebouw te zien hoe het water moest worden afgesloten. Toen ik voorstelde om nu meteen naar beneden te gaan naar de kelder keken ze me aan alsof ik een Godslastering had geuit. “Dat hebben we niet ingepland vandaag, dus maken we een nieuwe afspraak.”, was het antwoord. “Trouwens het is nu koffietijd. Heeft u koffie?” Ik zette mijn beste pokerface op en zei dat ik helaas nooit iets warms dronk. 4 paar ogen keken me vuil aan. Ik vermoed dat de koffiemachine, nog halfvol van het ontbijt, mij verraden had.

Derde akte: Figaro, waar ben je?

Een week later kwamen ze weer: mijn huisbaas en twee volledig technisch uitgeruste mannen, een soort kruising tussen artsen, ruimtevaarders en loodgieters. Ze waren al beneden geweest en hadden voor de zekerheid het water in het hele gebouw afgesloten. Let op: het was 07:30 in de morgen en, terwijl de professionals naar binnen kwamen, meende ik al gevloek te horen van buren die tijdens het inzepen in de douche plotseling zonder water kwamen te staan. Letterlijk en figuurlijk. Dat kon echter de pret niet drukken en de twee begonnen aan het gevaarlijke en ingewikkelde werk om mijn watermeter te vervangen, terwijl ze samen vals Figaro floten. Na twee minuten en dertien seconden was dit gedaan. “Volgende week komen we terug met de baas, Herr Dr. Ing.”, zeiden ze vol ernst.

Vierde akte: die lustige Witwe

De huisbaas kwam met Herr Dr. Ing. Langs. Die bekeek de nieuwe watermeter en vroeg of hij de waterleidingen in de kelder kon zien. Ik vroeg of ze dat volgende week wilden doen maar de man keek me geïrriteerd aan en vond dat er plaats was voor wat spontaniteit. De huisbaas bleef bij mij wachten op Herr Dr. Ing. “Leuk flatje wel”, zei mijn huisbaas terwijl ze rondkeek in de flat die ik van haar huurde. Ik verwachtte dat ze me zou vragen of ik hier vaak was, maar dat bleef me bespaard. De Herr Dr. Ing. kwam terug en was tevreden met wat hij gezien had. “Volgende week maken we het af.”, zei hij. Toen ik vroeg wat er dan nog niet af was keek, hij me aan alsof ik aan de Corona twijfelde: Godslaster!

Vijfde akte: staakt het vuren

Toen mij werd gevraagd een vijfde keer “even thuis te zijn” voor de heren Dipl. Ing., Dr. Ing had ik er bijna genoeg van. Ze gingen weer naar beneden, weer naar boven, vroegen weer om koffie, waarvan ik het bestaan weer ontkende. Toen ik mijn huisbaas vroeg waarom er vijf bezoeken nodig zijn voor het verwisselen van een watermeter kreeg ik een korte lezing over hoe men in Duitsland werkt, controleert en verzekert dat alles Funkzioniert. Hoe Duitsland een land was van dingen precies doen en hoe Duitsland stond voor perfectie. Wijs als ik relatief ben voor mijn jaren zei ik niets en ging even naar het toilet. Waar ik constateerde dat er geen water uit de kranen kwam.

“O, dan maken we een afspraak met ze voor volgende week.”, zei mijn huisbaas.

Ik capituleerde.

Ontvang gratis onze nieuwsbrieven!

Vorig artikelNetanyahu bracht leiders van Denemarken en Oostenrijk naar de sportschool
Volgend artikelAbu Dhabi National Exhibitions Company (ADNEC) en Expo Tel Aviv gaan samenwerken
Simon Soesan (1956, Beverwijk) woont sinds 1973 in Israël, waar hij zijn eigen sales-en-marketing bureau had. Tegenwoordig is hij vertegenwoordiger van Keren Hayesod – United Israel Appeal in Duitsland. Soesan is bekend van columns in diverse Nederlandse bladen, zoals NRC-Handelsblad, het Reformatorisch Dagblad, Israël Actueel en het Nieuw Israelietisch Weekblad. Zijn korte verhalen werden gebundeld in 'Pita met hagelslag' (2005) en ‘Patatje vrede’ (2007), 'Apoetaah' (2016) is zijn derde boek en in juni 2018 is 'Ik ben jij' verschenen. Zijn familie en vriendschappen met Joden, Moslims en Christenen, inspireren hem bij het schrijven.