Denkend aan Dürlacher

"Nu die oorlog eindelijk een feit is, blijk ik zowaar een mening te hebben; tot mijn verbazing werd me ineens geopenbaard hoe ik er over denk", schrijft Emma Brunt in het Parool.

=’Emma Tot dusverre hielden de pro’s en contra’s elkaar nauwkeurig in balans, wat mij betreft, en dat evenwicht hield ik bibberig in stand. Alsof ik bang was dat elke stemverheffing, hoe miniem ook, tot een ramp zou leiden. Zo moeten alpinisten zich ongeveer voelen nadat ze te horen hebben gekregen dat er lawinegevaar dreigt: fluisterend bewegen ze zich door een spookachtig witte wereld, in de wetenschap dat ze maar één kiezelsteentje hoeven los te trappen en al die roerloze sneeuwmassa’s beginnen plotseling te schuiven. Ik durfde er, geloof ik, geen mening op na te houden, want spreek je die eenmaal uit, dan heb je je ook te verantwoorden als datgene gebeurt waar je vóór bent. Of tégen natuurlijk, want wat je ook kiest in dit geval: bloed vloeit er toch.Ik wilde de verantwoordelijkheid niet nemen. Nu lag die ook niet bij mij, gelukkig, maar bij George Bush. En bij hem alleen, want met uitzondering van Groot-Brittannië en Spanje was heel Europa bezig zijn adem in te houden, net als ik, bang om alle duivels in de hel te ontketenen bij de minste of geringste beweging. Liever het zoveelste uitstel dan oorlog, beter om nog maar weer een wapeninspectie af te wachten dan oorlog, alles beter dan oorlog, want denk toch eens aan al die ‘onschuldige slachtoffers’!Vredesactivisten hebben het dan altijd over ‘vrouwen en kinderen’, is mij opgevallen, alsof mannelijke slachtoffers eigenlijk niet meetellen. Vrouwen en kinderen mogen niet aan gevaar blootgesteld worden, dat is een universeel nageprevelde mantra. En die wil ik best onderschrijven, maar het regime van Saddam Hoessein hééft al vele duizenden slachtoffers gemaakt, onder diezelfde onschuldige vrouwen en kinderen.Jozef Stalin is de held van Saddam, zijn lichtende voorbeeld, en dat heeft de bevolking van Irak al ettelijke keren aan den lijve ondervonden. Tegenover de anti-oorlogsdemonstraties hier, waaraan weldenkende mensen en organisaties hun naam verbinden, zoals GroenLinks, Greenpeace en de SP, aardige mensen met wie ik het graag eens zou willen zijn, staat de weerbarstige mening van Koerdische en Iraakse vluchtelingen – en als je daarnaar luistert, blijkt dat die helemaal niet tegen de oorlog zijn. Zij praten over openbare executies, vermoorde familieleden en martelpraktijken, en zien het offensief van Bush als de lang verwachte bevrijding van een stapelgekke dictator.Ik moet nogal eens aan Dürlacher denken, deze dagen, en aan zijn hartbrekende beschrijving van de momenten waarop hij de geallieerde bommenwerpers over zag vliegen. Steeds in de hoop dat ze nu toch echt waren gekomen om de Duitse vernietigingskampen plat te gooien, maar altijd weer tevergeefs. Alsof de joden door de hele wereld waren verzaakt en vergeten. Over die kant van het dilemma zegt de vredesbeweging nooit iets, gek genoeg, maar over ‘de arrogantie’ van Bush des te meer. Zijn die mensen nu tegen de oorlog, of vooral: tegen Amerika?Cabaretier Vincent Bijlo noemt de Amerikanen ‘cynisch’ en smaalt: ”De VS hebben waarschijnlijk nog ergens een bonnetje op het Witte Huis liggen van het miltvuur dat ze zelf aan Irak hebben gegeven.” En Jenny Arean stelt honend: ”Waar haalt Bush de kapsones vandaan te denken dat hij daar zomaar een democratie kan gaan stichten? Die mensen bepalen het zelf wel. Hij combineert oorlog met god.”Woede verzwakt haar greep op de grammatica enigszins, maar waarschijnlijk bedoelt ze met dat laatste te zeggen: Bush moet niet denken dat hij voor God kan spelen. Maar helaas, als Bush zou besluiten dat hem wat meer bescheidenheid past, is het Saddam Hoessein die voor God blijft spelen. Dat doet hij namelijk graag en op oud-testamentische wijze, gedreven als hij is door wraakzucht, megalomanie en paranoia. Zodat ‘die mensen’ h