Een bijzondere veiling van Judaica in Tel Aviv

Een gebedenboek uit de 14e eeuw, twee 18e-eeuwse Italiaanse huwelijkscontracten en een chanoekalamp daterend uit het einde van de 17e eeuw, het zijn slecht senkele van de vele bijzondere en belangwekkende judaïca die op 30 oktober in Tel Aviv worden geveild.

Een van de grote blikvangers op de veiling is een zeer kostbaar machzor uit de 14e eeuw. Het met miniaturen verluchte gebedenboek werd rond 1330 in Neurenberg vervaardigd.Bijzonder is ook een Seder Birkat HaMazon een verzameling zegenspreuken en gebeden), dat in een band gebonden is met een Seder Sfirat HaOmer (handleiding voor het tellen van de ‘omer’). Deze uit 1751 daterende geschriften zijn opgetekend en geïllustreerd door Simcha Pihem Segal uit Mannheim. Opmerkelijk aan deze werken is dat ze verschillende opvallende afbeeldingen van vrouwen bevatten, waaruit zou kunnen worden afgeleid dat ze vervaardigd werden voor de vrouw of dochter van een hooggeplaatste Jood aan het hof van Mannheim.Er worden ook twee bijzondere Italiaanse ‘ketoebot’ (huwelijkscontracten) geveild. Het document voor het huwelijk van Josef, zoon van Moses Leon, met Donna Gracia, dochter van Josef, is afkomstig uit Livorno en dateert uit 1749. De tekst wordt omgeven door een monumentale poort, bekroond door het familiewapen van de familie Leon, met aan weerskanten cherubijnen met bazuinen, en hierboven een vrouwenfiguur met een bazuin.De tweede, eveneens op perkament geschreven ketoeba dateert uit 1675 en is afkomstig uit Casale Monferrato in Piemonte. Dit document werd vervaardigd voor het huwelijk van Judita Leonora, de dochter van Abraham Serge, met Moses, zoon van Isaac Katzigin. De tekst is in een enkele kolom geschreven en wordt geflankeerd door een weelderig patroon van bloemen en abstracte Moorse ornamenten. Daartussen staan medaillons met voorstellingen van de vier seizoenen, de vijf zintuigen en de twaalf tekens van de dierenriem.Diverse kostbare rituele objecten komen onder de hamer, waaronder een laat-17e eeuwse zilveren chanoekia uit Galicië en een zeldzame zilveren Torakroon, in Hamburg door Johann Adolff Lambrecht vervaardig en voorzien van een gegraveerde opdracht aan Rabbi Daniel Abensur, een van de prominente figuren uit de sefardische gemeenschap die tot de 19e eeuw in Hamburg een bloeiend bestaan leidde.De Damascus affaireDe uit Hanau afkomstige kunstenaar Moritz Daniel Oppenheim (1799-1882) wordt wel de ‘eerste echt Joodse schilder’ genoemd.Hij genoot al tijdens zijn leven groot succes, veel van zijn genreschilderijen die het joodse dagelijks leven tot onderwerp hadden, werden in de vorm van prenten overal in Europa echte verzamelaarsobjecten. Oppenheim’s werken worden zelden op veilingen aangeboden, ze zijn bijzonder zeldzaam, en wat niet in privebezit is, is eigendom van musea.Het schilderij dat op 30 oktober bij Sotheby?s onder de hamer komt is van uitzonderlijke kwaliteit, schrijft de catalogus van het veilinghuis. Het doek ontleent zijn belang niet alleen aan zijn zeldzaamheid ook aan het onderwerp, de Damascus Affaire, het schandaal met als inzet de vermeende rechtvaardiging door de Talmoed van rituele moord, waarbij zowel christenen als moslems zich zeldzaam eensgezind tegen de Joden keerden.De affaire speelde zich af in 1841, toen in Damascus een rooms-katholieke priester spoorloos verdween. De Joden werden door de Syriers beschuldigd van moord op en het ritueel gebruik van het bloed van de vermiste priester. Meerdere vooraanstaande Joden werden gearresteerd, sommigen werden gemarteld tot de dood erop volgde, dit alles onder het toeziend oog van in Damascus woonachtige christenen. Ook 63 kinderen werden het slachtoffer van de vervolging.Twee Sardijnse fanatieke capucijner monniken slaagden erin de valse beschuldigingen aan het adres van de Joden tot een hysterische hetze te op te blazen. Het drama waarin de Joden van Damascus verwikkeld waren werd een internationaal schandaal, mede door toedoen van enige journalisten die in hun artikel