Jasenovac, het vergeten vernietigingskamp in de Balkan

Door Fabian Vendrig

Op 27 januari wordt wereldwijd de Holocaust herdacht, omdat dat de dag was dat het vernietigingskamp Auschwitz werd bevrijd in 1945. Over Auschwitz is al veel geschreven en gepubliceerd, maar er is maar weinig gepubliceerd en bekend over het vernietigingskamp Jasenovac in Kroatië. Als je bij het NIOD bijvoorbeeld zoekt op “Jasenovac” krijg je bijvoorbeeld 0 resultaten te zien.

De Israëlische professor Gideon Greiff, expert inzake Auschwitz, deed onderzoek naar dit vernietigingskamp en publiceerde hierover een lijvig boekwerk met de titel “Jasenovac Auschwitz of the Balkans”. Het Jasenovac vernietigingskamp had een oppervlakte van 240 km2, zo’n 250 voetbal stadions, (ter vergelijking: Auschwitz had een oppervlakte van 40 km2) en werd door de Kroatische onafhankelijke staat (NDH) beheerd.

De NDH (of de zogenoemde “Ustasha” staat) werd direct ingesteld op 10 april 1941 toen Duitsland het Koninkrijk Joegoslavië binnen viel, 4 dagen ervoor. Het kamp werd nooit bevrijd, maar de laatste 1000 gevangenen ontsnapten uit het kamp, van wie er maar 100 overleefden, met het idee dat de laatste die overleefde het verhaal zou vertellen en getuigen over de wreedheden en de brute moorden die de Kroatische Ustasha pleegden.

De NDH was gelieerd aan de Nazi partij en had als doel om Joden, Roma’s en Serviërs te vernietigen, te verdrijven of te bekeren. Jasenovac was in die zin een bijzonder wreed vernietigingskamp, omdat het meest brute en beruchtste vernietigingskamp was van de in totaal 8 vernietigingskampen gedurende de Tweede Wereldoorlog. Het had bijvoorbeeld een speciaal kamp had voor kinderen, maar het was ook bijzonder wreed door de methoden die werden gebruikt. Het was enige kinderconcentratiekamp gedurende WOII, de schatting is dat rond de 20.000 Joodse, Roma en Servische kinderen er op beestachtige en brute manier werden vermoord.

Professor Greiff schrijft in zijn boek over 57 (!) methoden van vernedering en marteling tot de dood er op volgt. De moordmethoden waren barbaars en de moorden werden met de hand uitgevoerd, zelfs de Duitse SS was geschokt door de methoden van de Ustasha. Heinrich Himmler, de leider van de SS beloofde de methode van ‘schone handen’: het industrieel doden zonder direct contact met slachtoffers (gaskamers), terwijl de moordmethoden van Ustasha ongelooflijk wreed, handmatig en meestal met een speciaal type messen, bijlen etc. werden uitgevoerd. Menachem Shelah, historicus van het Yad Vashem holocaust museum in Jerusalem, schreef in 1990: “de misdaden begaan in Jasenovac behoren tot de meest verschrikkelijke misdaden in de gehele geschiedenis van de mensheid.”

Historici hebben het over 700.000 tot 1.100.000 doden. De nazi’s zelf spraken van 600.000 tot 750.000 doden. Het huidige Kroatië spreekt vandaag de dag dat er ongeveer 83.000 geregistreerde slachtoffers zijn, waardoor een groot aantal slachtoffers dus niet geregistreerd is. Deze niet geregistreerde slachtoffers, de “naamlozen”, werden gekookt voor zeep, of als foetus uit de baarmoeders van hun moeders weggehaald, of als naamloze doodgebeten, geslagen, vergiftigd (met cyanide) de rivier de Sava ingegooid. De eerste Kroatische president sinds de onafhankelijkheid van Kroatië in 1991, Franjo Tudjman, sprak over 3000-4000 doden.

Het totaal aantal doden van dit vernietigingskamp blijft tot op de dag onderwerp van discussie, omdat er structureel pogingen worden gedaan om het aantal doden lager weer te geven en de verschrikkingen van dit kamp te ontkennen.

Dit proces werd direct na WOII in gang gezet door Josip Broz Tito, de president van Joegoslavië. President Tito, zelf een Kroaat, heeft “Jasenovac” zo veel mogelijk willen negeren omdat het zijn “broederschap en eenheid” -beleid kon ondermijnen. Dit leidde er toe dat de Kroaten nooit hun wrede Ustasha-verleden onder ogen konden zien, omdat zij alleen maar werden gezien als verliezers van de oorlog in Tito’s Joegoslavië. Willy Brandt knielde voor het monument voor het getto van Warschau, maar voor het monument van Jasenovac knielde nooit iemand. Helaas gebeurt ontkenning van het aantal doden en de verschrikkingen van dit vernietigingskamp dus tot op de dag van vandaag.

Buiten het feit van ontkenning of bagatellisering van de misdaden begaan in Jasenovac hoor je in Kroatië nog regelmatig de “za dom spremni” (vertaald: “wij staan klaar voor het vaderland”) groet. Dit is de NDH groet en is gelijk aan de Nazi groet “Sieg Heil”. Bij het herdenkingscomplex te Jasenovac werd in 2016 een plaquette onthuld door Kroatische politici voor de Kroatische soldaten die vielen in de Joegoslavische oorlogen in de jaren ’90. In het logo van de veteranenorganisatie die deze plaquette regelde staat “za dom spremni”, de Ustasha groet dus, wat natuurlijk uiterst wrang is voor de Joodse, Servische en Roma slachtoffers van het wrede Ustasha regime die hier om kwamen. De joodse en Servische organisaties van overlevenden boycotten de jaarlijkse herdenking dan ook sinds 2016 om die reden. Een andere reden is dat de Kroatische staat nog steeds mild is over het fascistische verleden en het bagatelliseert. De grootste Ustasha-bijeenkomst is elk jaar in Bleiburg in Oostenrijk, maar de Oostenrijkse regering verbood de laatste tijd eindelijk het gebruik van Ustasha-iconografie. In tegenstelling tot Oostenrijk, staat Kroatië nog altijd het gebruik van fascistische symbolen oogluikend toe. Voor een land wat lid is van de Europese Unie, en dit eerste halfjaar zelfs voorzitter is van de EU, is dit natuurlijk onacceptabel. De Holocaust en haar verschrikkingen mogen nooit en te nimmer worden gebagatelliseerd of vergeten worden.

Conferentie in Jerusalem

Gojko Rončević, ex kolonel Antun Miletić (expert inzake Jasenovac), Jelena Radojčić-Buhač en Smilja Tišma tijdens een bezoek aan Jeruzalem

In November 2019 werd er in Jerusalem een conferentie over Jasenovac georganiseerd door de Internationale Expert Group GH7 – stop revisionisme. Deze GH7 groep, onder leiding van de Israëlische prof. dr Gideon Greiff, bestaat uit wetenschappers, journalisten en onderzoekers uit de VS, Duitsland, Italië, Israël, Nederland en Servië. De deelnemers aan deze conferentie waren diverse academici, journalisten, vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap in Servië en experts van verschillende landen Een speciale vermelding van de deelname aan deze conferentie gaat uit naar enkele overlevenden van het Jasenovac vernietigingskamp.

Smilja Tišma, Jelena Radojčić-Buhač en Gojko Rončević overleefden de verschrikkingen van het kinder-vernietigingskamp. Zij deden hun verhalen zodat deze misdaden tegen Joden, Roma en Serviërs nooit vergeten worden. Samen met de experts van de Internationale Expert Groep GH7, de Joodse gemeenschap in Servië en met hulp van het Servische ministerie van Buitenlandse Zaken blijven zij hun verhaal doen en de belangrijkste boodschap die zij hebben is: “stop revisionisme, wij waren daar en wij hebben de verschrikkingen overleefd”.

Naast deze conferentie werd er ook een Israëlisch-Servisch centrum geopend om blijvend aandacht te schenken aan de bijzondere banden tussen Servië en Israël en de Joodse gemeenschap in het algemeen. Zo was Servië bijvoorbeeld het eerste land ter wereld die de Balfour-declaratie erkende en daarmee dus ook impliciet de staat Israël erkende en het land ook “Israël” noemde vanaf het begin.

Servië zal zich, samen met de Joodse gemeenschap in Servië, blijven inspannen om de revisionistische tendensen en bagatellisering van de Holocaust tegen te gaan. De misdaden die begaan zijn tegen de Joodse, Roma en Servische slachtoffers van het Jasenovac vernietigingskamp verdienen daarbij bijzondere aandacht, zodat ze niet vergeten worden. Om die reden werd er bij de afsluiting van de Jasenovac conferentie dan ook de “Jerusalem verklaring” aangenomen en ondertekend door alle deelnemers. Deze Jerusalem verklaring vraagt aandacht voor de misdaden begaan in Jasenovac en spreekt zich uit tegen revisionisme en opkomend neofascisme.